De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com
Ruim een jaar geleden schreef Leonard Koningswijk op Frankwatching dat banken de mogelijkheden van crowdsourcing onbenut laten. Toch zijn er Nederlandse banken die ermee experimenteren, bijvoorbeeld
door samen met hun doelgroep diensten te ontwikkelen. De ASN Bank gaat
nog een stap verder: zij ontwikkelt samen met haar community zelfs haar
beleid. Vanuit persoonlijke interesse sprak ik Simone Lopulisa, online
marketeer bij ASN Bank.
Crowdsourcing
ASN Bank is een duurzame bank met een missie: het bevorderen van duurzaamheid van de samenleving. Via de online community ‘Voordewereldvanmorgen.nl‘
konden meer dan 52.000 leden meedenken in twee crowdsourcingtrajecten.
Van juli tot en met september 201’1 werd het mensenrechtenbeleid
gecrowdsourced, het klimaatbeleid van augustus tot en met oktober 2012.
In september 2013 wordt het nieuwe issuepaper Klimaat van de ASN Bank’
gepresenteerd: daarin staan de klimaatcriteria die de ASN Bank gebruikt
voor haar investeringen.
Posts tonen met het label eldersbloggen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label eldersbloggen. Alle posts tonen
donderdag 20 juni 2013
donderdag 2 mei 2013
10 vragen aan Howard Rheingold over mediawijsheid
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Mediawijzer.net
Op 2 april 2013 was mediawijsheidexpert Howard Rheingold te gast in Utrecht om te spreken over zijn kijk op mediawijsheid. Naast zijn keynote (lees het verslag) konden aanwezigen ook met hem in gesprek via een besloten expertmeeting en een College Tour. In dit artikel lees je een aantal van de vragen die werden gesteld en de antwoorden van Rheingold.
Jeroen Jansz: In het boek Net Smart leg je de nadruk op mindfulness. Wat gebeurt er met de manier waarop we denken, nu we zo druk bezig zijn met onze laptops en mobiele telefoons?
Rheingold: “In de afgelopen 1000 jaar is het lesgeven niet veranderd. Zet iemand van 1000 jaar geleden in een klaslokaal van nu en hij/zij weet dat degene voor het lokaal de leraar is, en degenen die zitten en luisteren de leerlingen. Maar er is wel degelijk iets nieuws gaande: er verschijnen laptops en andere devices in de klas. Hoe ga je daarmee om als leraar?
Omdat ik over sociale media lesgeef, is het niet eerlijk om studenten te dwingen hun laptops dicht te doen. Dat beëindigt hun conversaties en ze zetten hun devices in voor het leren, bijvoorbeeld om extra informatie op te zoeken. Maar ze kunnen makkelijk ‘afglijden’ naar het checken van Facebook. Mijn studenten geven ook toe dat multitasking er meestal toe leidt dat ze niet al hun aandacht erbij hebben. Ik geef ze daarin bewust hun eigen verantwoordelijkheid. Verder doe ik oefeningen in mindfulness, zodat ze zich zelf bewust worden waar ze aandacht aan besteden."
Op 2 april 2013 was mediawijsheidexpert Howard Rheingold te gast in Utrecht om te spreken over zijn kijk op mediawijsheid. Naast zijn keynote (lees het verslag) konden aanwezigen ook met hem in gesprek via een besloten expertmeeting en een College Tour. In dit artikel lees je een aantal van de vragen die werden gesteld en de antwoorden van Rheingold.
Jeroen Jansz: In het boek Net Smart leg je de nadruk op mindfulness. Wat gebeurt er met de manier waarop we denken, nu we zo druk bezig zijn met onze laptops en mobiele telefoons?
Rheingold: “In de afgelopen 1000 jaar is het lesgeven niet veranderd. Zet iemand van 1000 jaar geleden in een klaslokaal van nu en hij/zij weet dat degene voor het lokaal de leraar is, en degenen die zitten en luisteren de leerlingen. Maar er is wel degelijk iets nieuws gaande: er verschijnen laptops en andere devices in de klas. Hoe ga je daarmee om als leraar?
Omdat ik over sociale media lesgeef, is het niet eerlijk om studenten te dwingen hun laptops dicht te doen. Dat beëindigt hun conversaties en ze zetten hun devices in voor het leren, bijvoorbeeld om extra informatie op te zoeken. Maar ze kunnen makkelijk ‘afglijden’ naar het checken van Facebook. Mijn studenten geven ook toe dat multitasking er meestal toe leidt dat ze niet al hun aandacht erbij hebben. Ik geef ze daarin bewust hun eigen verantwoordelijkheid. Verder doe ik oefeningen in mindfulness, zodat ze zich zelf bewust worden waar ze aandacht aan besteden."
woensdag 1 mei 2013
Howard Rheingold: “Don’t try to keep up with the technologies, keep up with the literacies”
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Mediawijzer.net
Op dinsdag 2 april was Howard Rheingold te gast voor een keynote en College Tour op de Universiteit van Utrecht. Rheingold geldt als één van de godfathers van het Amerikaanse denken over mediawijsheid, dus het was een unieke kans om hem in Nederland te ontmoeten. Hij sprak over de verschillende competenties die kinderen en volwassenen tegenwoordig zouden moeten bezitten om online actief te kunnen participeren. Hij sprak ook over zijn boek Net Smart: How to Thrive Online, waarin deze vaardigheden nader worden besproken. Ik was erbij en deed verslag.
Op dinsdag 2 april was Howard Rheingold te gast voor een keynote en College Tour op de Universiteit van Utrecht. Rheingold geldt als één van de godfathers van het Amerikaanse denken over mediawijsheid, dus het was een unieke kans om hem in Nederland te ontmoeten. Hij sprak over de verschillende competenties die kinderen en volwassenen tegenwoordig zouden moeten bezitten om online actief te kunnen participeren. Hij sprak ook over zijn boek Net Smart: How to Thrive Online, waarin deze vaardigheden nader worden besproken. Ik was erbij en deed verslag.
zaterdag 13 april 2013
Co-creatie challenge: van vaag concept naar 25 ideeën in 4 uur
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com
Het vergt wel enige moed: aan 40 kritische luisteraars jouw concept presenteren en diezelfde mensen ermee aan de slag laten gaan. Op 15 maart presenteerde Roland Lentze zijn concept Ikzoeknu.nl tijdens een co-creatie challenge in Amersfoort. De uitdaging leverde in 4 uur 25 concrete verbeterpunten en oplossingen op.
Roland Lentze stelt zich voor als een entrepeneur en freelancer die geïnteresseerd is in internet, sociale media en e-commerce. Hij heeft ook enkele webwinkels, puur om het proces van a tot z te leren begrijpen. Op 15 maart legde hij zijn nieuwste initiatief voor aan de 40 deelnemers van The Next Cocreator Community. RTL Z maakte opnamen van de bijeenkomst en zal er ergens in mei een uitzending aan wijden.
Het vergt wel enige moed: aan 40 kritische luisteraars jouw concept presenteren en diezelfde mensen ermee aan de slag laten gaan. Op 15 maart presenteerde Roland Lentze zijn concept Ikzoeknu.nl tijdens een co-creatie challenge in Amersfoort. De uitdaging leverde in 4 uur 25 concrete verbeterpunten en oplossingen op.
Roland Lentze stelt zich voor als een entrepeneur en freelancer die geïnteresseerd is in internet, sociale media en e-commerce. Hij heeft ook enkele webwinkels, puur om het proces van a tot z te leren begrijpen. Op 15 maart legde hij zijn nieuwste initiatief voor aan de 40 deelnemers van The Next Cocreator Community. RTL Z maakte opnamen van de bijeenkomst en zal er ergens in mei een uitzending aan wijden.
woensdag 12 december 2012
Cases Co-Creation Awards winnaars: Stilsicher Unterwegs & Stand for Japan
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com.
De winnaars van de internationale Co-Creation Awards 2012 zijn bekend en in 2 artikelen lees je meer over de winnende cases. Mobile Flitedeck en de Rabobank World Food Game werden al besproken door Joyce van Dijk. Vandaag bespreek ik de laatste 2 winnende cases: Stilsicher Unterwegs en Stand For Japan.
De winnaars van de internationale Co-Creation Awards 2012 zijn bekend en in 2 artikelen lees je meer over de winnende cases. Mobile Flitedeck en de Rabobank World Food Game werden al besproken door Joyce van Dijk. Vandaag bespreek ik de laatste 2 winnende cases: Stilsicher Unterwegs en Stand For Japan.
zondag 18 november 2012
Giffgaff doorbreekt de muren tussen bedrijf en community
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Communitymanagers.nl.
De giffgaff-community geldt als één van de goede voorbeelden voor
communitymanagers. Maar wat is het geheim achter het succes? Hoe komt
het dat leden van die community zo betrokken zijn dat ze de webcare van giffgaff doen? Vincent Boon, Chief of Community bij giffgaff, gaf ons tijdens de 20e Community Managers Nederland-bijeenkomst een kijkje achter de schermen.
Vincent Boon trad in 2010 aantrad als Chief of Community bij giffgaff met als missie de barrière tussen klant en bedrijf te doorbreken. Hij eiste de vrije hand te krijgen om een community op te zetten en zo eindelijk zijn visie op communitymanagement te kunnen verwezenlijken. Vincent had daarom lange gesprekken met Telefónica, de grote Spaanse provider die giffgaff oprichtte. Telefónica zwichtte uiteindelijk en nam Vincent aan, waarna hij kon beginnen met het bouwen van de na een jaar al zeer succesvolle community.
De giffgaff-community geldt als één van de goede voorbeelden voor
communitymanagers. Maar wat is het geheim achter het succes? Hoe komt
het dat leden van die community zo betrokken zijn dat ze de webcare van giffgaff doen? Vincent Boon, Chief of Community bij giffgaff, gaf ons tijdens de 20e Community Managers Nederland-bijeenkomst een kijkje achter de schermen.Vincent Boon trad in 2010 aantrad als Chief of Community bij giffgaff met als missie de barrière tussen klant en bedrijf te doorbreken. Hij eiste de vrije hand te krijgen om een community op te zetten en zo eindelijk zijn visie op communitymanagement te kunnen verwezenlijken. Vincent had daarom lange gesprekken met Telefónica, de grote Spaanse provider die giffgaff oprichtte. Telefónica zwichtte uiteindelijk en nam Vincent aan, waarna hij kon beginnen met het bouwen van de na een jaar al zeer succesvolle community.
zondag 14 oktober 2012
Hoe creëer je succesvolle concepten met je klanten?
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com.
Hoe ontwikkel je samen met klanten succesvolle concepten? Dit was de vraag tijdens 'The Next Cocreator Experience' op 21 september. Na cases uit de zorg en de bouw gingen de deelnemers zelf aan de slag met een concept, om zo ervaring op te doen.
Op vrijdagmiddag 21 september werd de derde ‘The Next Cocreator Experience‘ van 2012 georganiseerd in het Belevingscentrum van Wolter en Dros in Amersfoort. De sessie had dit keer ‘Cocreatie van concepten’ als thema. De sessie was in 2 delen ingedeeld: we startten met ‘Food for Thought’, in de vorm van een casus van Zilveren Kruis Achmea en een inspiratie vanuit de bouwwereld. Vervolgens konden we zelf aan de slag met het creëren van een concept voor het warenhuis van de toekomst.
Hoe ontwikkel je samen met klanten succesvolle concepten? Dit was de vraag tijdens 'The Next Cocreator Experience' op 21 september. Na cases uit de zorg en de bouw gingen de deelnemers zelf aan de slag met een concept, om zo ervaring op te doen.
Op vrijdagmiddag 21 september werd de derde ‘The Next Cocreator Experience‘ van 2012 georganiseerd in het Belevingscentrum van Wolter en Dros in Amersfoort. De sessie had dit keer ‘Cocreatie van concepten’ als thema. De sessie was in 2 delen ingedeeld: we startten met ‘Food for Thought’, in de vorm van een casus van Zilveren Kruis Achmea en een inspiratie vanuit de bouwwereld. Vervolgens konden we zelf aan de slag met het creëren van een concept voor het warenhuis van de toekomst.
dinsdag 26 juni 2012
Crowdsourcing en co-creatie: reach versus richness
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com.
Zowel crowdsourcing als co-creatie kun je goed inzetten om kwalitatieve en realiseerbare ideeën te genereren. Dit bleek uit de tweede bijeenkomst van The Next Cocreator van 2012. Tijdens deze bijeenkomst werd theorie wederom aan de praktijk gekoppeld met behulp van presentaties en praktijkcases.
Op vrijdagmiddag 1 juni werd in het Belevingscentrum van Wolter en Dros in Amersfoort de ‘The Next Cocreator’ bijeenkomst georganiseerd met als thema “Ideation in co-creatie”. Daar werd de vraag gesteld: hoe vergroot je het aantal kwalitatieve, realiseerbare ideeën met co-creatie? Deze vraag hoopten we te beantwoorden door – na de benodigde theorie – te werken aan 2 cases die een nieuw businessmodel konden gebruiken. Het was een inspirerende middag met nieuwe inzichten over crowdsourcing, co-creatie en hoe je daarmee nieuwe businessmodellen kunt bedenken.
Crowdsourcing en co-creatie
Joyce van Dijk, Dialogue Manager bij MWM2, voorzag ons van de nodige theorie. Omdat het thema dit keer over ideegeneratie ging, zag zij kans om in te gaan op de veelbesproken discussies over de verschillen tussen crowdsourcing en co-creatie.
Crowdsourcing, een term bedacht door Jeff Howe, heeft de volgende kenmerken: je kunt snel veel input verzamelen en met een onbeperkte en diverse groep werken, binnen een gekaderde opdracht of taak die van korte duur is. Het is bij uitstek geschikt voor het genereren van veel ideeën en voor het evalueren van die ideeën.
Co-creatie is daarentegen van toepassing op het gehele innovatieproces. Je gaat met co-creatie een intensieve samenwerking aan met een beperkte groep mensen, waarbij je samen nieuwe relevante producten ontwikkelt in een iteratief proces.
Als je crowdsourcing met co-creatie vergelijkt, dan gaat het over reach versus richness. Met een grote, diverse groep mensen in crowdsourcing is het niet mogelijk om een diepgaande interactie aan te gaan. Waarbij crowdsourcing open, snel en divers is, is co-creatie gefocussed en diepgaand. Nog steeds zijn er verschillende interpretaties van deze termen mogelijk. Over de interpretaties die Joyce presenteerde tijdens deze dag is de wetenschap het, tot nu toe tenminste, eens.
De eindgebruiker als ideator
Joyce heeft voor haar scriptie onderzoek gedaan naar de verschillende rollen die een eindgebruiker in productinnovatie kan spelen. Het gaat om 5 verschillende rollen: die van insight provider, customiser, ideator, co-creator en creator. In deze sessie gaat het over de rol van ideator, waarbij crowdsourcing als middel ingezet kan worden.
Als je met eindgebruikers ideeën wilt genereren, moet je jezelf de vraag stellen wie je wanneer betrekt. Joyce stelt dat je bij het genereren van ideeën onder andere klanten en innovators kunt betrekken voor het beste eindresultaat. Denk daarbij ook goed na aan wat hen (extrinsiek en intrinsiek) kan motiveren om deel te nemen. Zo hebben motivaties bij co-creatie meer betrekking op het gezamenlijke proces en het persoonlijke belang. Bij crowdsourcing ligt de motivatie vaak meer in de specifieke taak, de individuele bijdrage en de persoonlijke reputatie of het persoonlijke gewin.
Co-creatie en crowdsourcing: de plus- en minpunten
Co-creatie en crowdsourcing hebben allebei zo hun plus- en minpunten. Terwijl je met crowdsourcing potentieel een enorm publiek kunt bereiken, ontbreekt soms de relevantie in de eindresultaten die je bereikt. Er is minder dialoog en diepgang dan bij co-creatie en het behelst vaak een specifieke taak. Bij co-creatie heb je juist minder controle en moet je durven loslaten. Daarnaast is het ook erg tijdsintensief. Dit betekent trouwens niet dat het één het ander hoeft uit te sluiten: je zou beide processen kunnen inzetten, waardoor ze elkaar kunnen versterken.
Businessmodellen ontwerpen
Vervolgens mocht de groep zich opsplitsen om aan twee verschillende businessmodellen te werken. Onder begeleiding van Ilya Broekhuizen en Hilma van Slooten maakten de groepen gebruik van allerlei co-creatietechnieken om tot mooie businessmodellen te komen voor het Belevingscentrum Amersfoort en de eigen The Next Cocreator-community.
Wat mij opviel was hoe verschillend zo’n proces per groep kan verlopen. Terwijl de ene groep vlot met ideeën kwam, verliep de voortgang bij de andere groep stroever. Het belang van een procesbegeleider was ook duidelijk, omdat die een groep goed wakker kan schudden en voortgang laat maken. Ook merkte ik dat onze verschillende achtergronden zorgden voor veel verschillende invalshoeken, wat zowel veel ideeën als veel discussies ten gevolge had. En helaas, toen we pas echt lekker op stoom kwamen, was de tijd om en konden we de businessmodellen aan elkaar pitchen. Het eindresultaat was nog niet af, maar er zaten voldoende goede en frisse ideeën tussen waar de ‘opdrachtgevers’ mee verder konden gaan.
Han Oei verzorgde vervolgens de afsluiting met een “schatkist”. Dit naar aanleiding van een verzoek uit de vorige bijeenkomst, om stil te staan bij de geleerde lessen en deze ook mee naar huis te kunnen nemen. Ik had in ieder geval genoeg om over na te denken (en om mee aan de slag te gaan) tot aan de volgende bijeenkomst, op 21 september aanstaande.
Nieuwe concepten ontwikkelen
Hoe kun je co-creatie inzetten in de verschillende fases van productinnovatie? In 2012 diept The Next Cocreator via 4 sessies deze mogelijkheden uit. The Next Cocreator is een community van practitioners die samen het co-creatievakgebied verder willen brengen. Op 21 september zal de volgende bijeenkomst plaatsvinden waar de volgende stap gemaakt wordt: het ontwikkelen van vernieuwende concepten met co-creatie. Wil je er ook bij zijn? Meld je hier aan voor de volgende Next Cocreator-sessie en word lid van de LinkedIn-groep.
Lees ook het verslag van de eerste bijeenkomst over het verkrijgen van inzichten en perspectieven met co-creatie.
Zowel crowdsourcing als co-creatie kun je goed inzetten om kwalitatieve en realiseerbare ideeën te genereren. Dit bleek uit de tweede bijeenkomst van The Next Cocreator van 2012. Tijdens deze bijeenkomst werd theorie wederom aan de praktijk gekoppeld met behulp van presentaties en praktijkcases.
Op vrijdagmiddag 1 juni werd in het Belevingscentrum van Wolter en Dros in Amersfoort de ‘The Next Cocreator’ bijeenkomst georganiseerd met als thema “Ideation in co-creatie”. Daar werd de vraag gesteld: hoe vergroot je het aantal kwalitatieve, realiseerbare ideeën met co-creatie? Deze vraag hoopten we te beantwoorden door – na de benodigde theorie – te werken aan 2 cases die een nieuw businessmodel konden gebruiken. Het was een inspirerende middag met nieuwe inzichten over crowdsourcing, co-creatie en hoe je daarmee nieuwe businessmodellen kunt bedenken.
Crowdsourcing en co-creatie
Joyce van Dijk, Dialogue Manager bij MWM2, voorzag ons van de nodige theorie. Omdat het thema dit keer over ideegeneratie ging, zag zij kans om in te gaan op de veelbesproken discussies over de verschillen tussen crowdsourcing en co-creatie.
Crowdsourcing, een term bedacht door Jeff Howe, heeft de volgende kenmerken: je kunt snel veel input verzamelen en met een onbeperkte en diverse groep werken, binnen een gekaderde opdracht of taak die van korte duur is. Het is bij uitstek geschikt voor het genereren van veel ideeën en voor het evalueren van die ideeën.
Co-creatie is daarentegen van toepassing op het gehele innovatieproces. Je gaat met co-creatie een intensieve samenwerking aan met een beperkte groep mensen, waarbij je samen nieuwe relevante producten ontwikkelt in een iteratief proces.
Als je crowdsourcing met co-creatie vergelijkt, dan gaat het over reach versus richness. Met een grote, diverse groep mensen in crowdsourcing is het niet mogelijk om een diepgaande interactie aan te gaan. Waarbij crowdsourcing open, snel en divers is, is co-creatie gefocussed en diepgaand. Nog steeds zijn er verschillende interpretaties van deze termen mogelijk. Over de interpretaties die Joyce presenteerde tijdens deze dag is de wetenschap het, tot nu toe tenminste, eens.
De eindgebruiker als ideator
Joyce heeft voor haar scriptie onderzoek gedaan naar de verschillende rollen die een eindgebruiker in productinnovatie kan spelen. Het gaat om 5 verschillende rollen: die van insight provider, customiser, ideator, co-creator en creator. In deze sessie gaat het over de rol van ideator, waarbij crowdsourcing als middel ingezet kan worden.
Als je met eindgebruikers ideeën wilt genereren, moet je jezelf de vraag stellen wie je wanneer betrekt. Joyce stelt dat je bij het genereren van ideeën onder andere klanten en innovators kunt betrekken voor het beste eindresultaat. Denk daarbij ook goed na aan wat hen (extrinsiek en intrinsiek) kan motiveren om deel te nemen. Zo hebben motivaties bij co-creatie meer betrekking op het gezamenlijke proces en het persoonlijke belang. Bij crowdsourcing ligt de motivatie vaak meer in de specifieke taak, de individuele bijdrage en de persoonlijke reputatie of het persoonlijke gewin.
Co-creatie en crowdsourcing: de plus- en minpunten
Co-creatie en crowdsourcing hebben allebei zo hun plus- en minpunten. Terwijl je met crowdsourcing potentieel een enorm publiek kunt bereiken, ontbreekt soms de relevantie in de eindresultaten die je bereikt. Er is minder dialoog en diepgang dan bij co-creatie en het behelst vaak een specifieke taak. Bij co-creatie heb je juist minder controle en moet je durven loslaten. Daarnaast is het ook erg tijdsintensief. Dit betekent trouwens niet dat het één het ander hoeft uit te sluiten: je zou beide processen kunnen inzetten, waardoor ze elkaar kunnen versterken.
Businessmodellen ontwerpen
Vervolgens mocht de groep zich opsplitsen om aan twee verschillende businessmodellen te werken. Onder begeleiding van Ilya Broekhuizen en Hilma van Slooten maakten de groepen gebruik van allerlei co-creatietechnieken om tot mooie businessmodellen te komen voor het Belevingscentrum Amersfoort en de eigen The Next Cocreator-community.
Wat mij opviel was hoe verschillend zo’n proces per groep kan verlopen. Terwijl de ene groep vlot met ideeën kwam, verliep de voortgang bij de andere groep stroever. Het belang van een procesbegeleider was ook duidelijk, omdat die een groep goed wakker kan schudden en voortgang laat maken. Ook merkte ik dat onze verschillende achtergronden zorgden voor veel verschillende invalshoeken, wat zowel veel ideeën als veel discussies ten gevolge had. En helaas, toen we pas echt lekker op stoom kwamen, was de tijd om en konden we de businessmodellen aan elkaar pitchen. Het eindresultaat was nog niet af, maar er zaten voldoende goede en frisse ideeën tussen waar de ‘opdrachtgevers’ mee verder konden gaan.
Han Oei verzorgde vervolgens de afsluiting met een “schatkist”. Dit naar aanleiding van een verzoek uit de vorige bijeenkomst, om stil te staan bij de geleerde lessen en deze ook mee naar huis te kunnen nemen. Ik had in ieder geval genoeg om over na te denken (en om mee aan de slag te gaan) tot aan de volgende bijeenkomst, op 21 september aanstaande.
Nieuwe concepten ontwikkelen
Hoe kun je co-creatie inzetten in de verschillende fases van productinnovatie? In 2012 diept The Next Cocreator via 4 sessies deze mogelijkheden uit. The Next Cocreator is een community van practitioners die samen het co-creatievakgebied verder willen brengen. Op 21 september zal de volgende bijeenkomst plaatsvinden waar de volgende stap gemaakt wordt: het ontwikkelen van vernieuwende concepten met co-creatie. Wil je er ook bij zijn? Meld je hier aan voor de volgende Next Cocreator-sessie en word lid van de LinkedIn-groep.
Lees ook het verslag van de eerste bijeenkomst over het verkrijgen van inzichten en perspectieven met co-creatie.
zaterdag 7 april 2012
Cocreatie voor productinnovatie: de consument als insight provider
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com.
Hoe kun je cocreatie inzetten in de verschillende fases van productinnovatie? In 2012 diept The Next Cocreator via 4 sessies deze mogelijkheden uit. De eerste sessie, over het verkrijgen van inzichten en perspectieven, vond op 23 maart plaats. De bijeenkomst bood direct al verrassende inzichten in research communities (met Heinz als praktijkvoorbeeld), de consument als insight provider en het omgaan met tegenstrijdige belangen.
Cocreatie: op zoek gaan naar gemeenschappelijkheid
Op vrijdagmiddag 23 maart werd de eerste ‘The Next Cocreator’ bijeenkomst van 2012 georganiseerd met als thema “Vergroten van multidisciplinaire inzichten en perspectieven middels co-creatie”. De sessie vond plaats in het Belevingscentrum van Wolter en Dros in Amersfoort, een locatie die bij uitstek toont hoe de omgeving van positieve invloed kan zijn op cocreatie.
Na een originele speeddatesessie tussen de aanwezigen, opende Marieke Schoenmaker (Gamechanger) de bijeenkomst met een korte presentatie over de The Next Cocreator community. Deze community bestaat uit mensen die kennis en ervaringen op het gebied van cocreatie met elkaar delen met als doel het vakgebied verder te brengen. Dit jaar zijn er 4 themasessies, waarbij de community bij elkaar komt om de rol van online en offline cocreatie in het NPD-proces uit te diepen.
Tijdens haar presentatie kwam ook de definitie van cocreatie ter sprake: “Cocreatie is een manier van organiseren, waarbij je, vanuit jezelf, samen met collega’s, klanten en partners producten, diensten, processen, en markten ontwikkelt die waarde creëren”. Vanuit de groep werd opgemerkt dat deze definitie aangevuld zou moeten worden met het loskomen van jouw eigen belang en op zoek gaan naar gemeenschappelijkheid. Dan pas kom je tot cocreatie.
Eerste stap in cocreatie: luisteren en observeren
Joyce van Dijk (Dialogue Manager bij MWM2) nam na Marieke het woord om een theoretisch kader te scheppen rond de uitdagingen van observeren en interpreteren. Goed luisteren naar en analyseren van de eindgebruiker is volgens haar de eerste stap naar cocreatie. De eindgebruiker is tegenwoordig, mede door de komst van social media, zeer invloedrijk, kritisch en goed geïnformeerd. Een voorbeeld: 25% van de consumenten geeft aan dat één negatieve online review hen kan weerhouden van een aankoop. Luister dus aandachtig naar wat er over je producten gezegd wordt en betrek de eindgebruiker bij cocreatie, bijvoorbeeld als ‘insight provider’. In dit artikel op Frankwatching lees je meer over de verschillende rollen van consumenten in het proces cocreatie.
Daarnaast gaf Joyce grappige voorbeelden van de soms haast willekeurige beslissingen van mensen. Je maakt namelijk een beslissing op bepaalde stukken informatie, weegt niet altijd alles nauwkeurig af en je bent je daarbij ook niet overal bewust van. Ook als onderzoeker moet je je bewust zijn van jouw eigen blinde vlekken. Joyce toonde dit aan met een amuserend filmpje waarbij verschillende zaken veranderd werden, zonder dat dit de kijker opviel.
Heinz research community
Joëlla Marsman (Marketing Research analist bij Heinz) gaf met haar presentatie een blik in de cocreatiekeuken van Heinz. Heinz realiseerde zich een aantal jaren terug de veranderingen bij eindgebruikers en zag ook dat haar marketeers een stap moesten maken om de consument beter te begrijpen. Er is daarom gekozen voor een gesloten research community, genaamd ‘Food & Zo’, die gevormd werd uit leden van het reeds aanwezige klantenpanel. De research community werd breed opgezet: alle producten en merken binnen het Heinz-portfolio worden besproken. De mensen die werden gekozen voor de community, hebben daarom een vrij brede gemene deler: interesse in voeding en bereidheid om erover te praten.
Community voor feedback en inzichten
In de research community worden twee soorten vragen gesteld: ‘ad-hoc’ vragen voor feedback, zoals het testen van een nieuw design, en langetermijnvragen voor inzichten en inspiratie, zoals hoe de aankoop van levensmiddelen vergaat in tijden van crisis. De Heinz-marketeers zijn wekelijks (en het liefst dagelijks) actief in de community om in dialoog te gaan met de leden. Via een wekelijkse nieuwsbrief worden de leden op de hoogte gehouden van nieuwe ontwikkelingen. Naast deze gerichte dialogen, is er ook ruimte in de community voor ‘fun’, een sociale hoek waar de leden hun gang kunnen gaan.
Joëlla erkent dat er wel uitdagingen zijn voor zo’n community. Zo is er veel commitment nodig, want de marketeers hebben niet altijd ‘tijd’ voor de community. Het is dus zeer belangrijk dat het management helemaal achter de research community staat en dat de community ‘top-of-mind’ blijft. Daarnaast levert de community een enorme bak aan informatie op die geanalyseerd moet worden. De marketeers worden intern opgeleid om dit te kunnen doen. Ze schrijven rapportages, maar spelen ook games om informatie met elkaar te delen en er zijn interne nieuwsbrieven. Joëlla hangt ook quotes op in het gebouw, zodat alle medewerkers geïnspireerd en geconfronteerd worden met uitspraken uit de community. Op deze manier wordt er gericht en op een leuke manier informatie (en de stem van de community) gedeeld in de organisatie.
Cocreatie game: samen een park renoveren
Na de inspirerende presentaties, begonnen we aan een cocreatie-game om het geleerde in de praktijk te brengen. Iedereen kreeg een rol toebedeeld om een park te renoveren, van buurtbewoner tot gemeente en van eigenaar van de aangrenzende crèche tot de communitymanager; hierbij werd ook direct duidelijk dat er tegenstrijdige belangen spelen. Eerst interviewden we elkaar om onze, soms botsende, belangen boven tafel te krijgen. Vervolgens ontwierpen we in twee groepen de parken. Tijdens dit proces kwamen we er al snel achter dat er behoefte was aan een procesbegeleider, die ervoor zorgt dat iedereen aan het woord komt en de belangen bij elkaar komen. Dit herinnerde me aan de opmerking aan het begin van de sessie om de definitie van cocreatie aan te passen; dat we moeten proberen om onze eigen belangen los te laten om tot een gemeenschappelijk doel te komen.
Met deze wijze les in het achterhoofd zal in juni de volgende bijeenkomst plaatsvinden, waarbij de volgende stap gemaakt wordt: het genereren van ideeën. Wil je er ook bij zijn? Meld je hier aan voor de volgende Next Cocreator-sessie, word lid van de LinkedIn-groep of bekijk een filmpje van deze bijeenkomst.
Hoe kun je cocreatie inzetten in de verschillende fases van productinnovatie? In 2012 diept The Next Cocreator via 4 sessies deze mogelijkheden uit. De eerste sessie, over het verkrijgen van inzichten en perspectieven, vond op 23 maart plaats. De bijeenkomst bood direct al verrassende inzichten in research communities (met Heinz als praktijkvoorbeeld), de consument als insight provider en het omgaan met tegenstrijdige belangen.
Cocreatie: op zoek gaan naar gemeenschappelijkheid
Op vrijdagmiddag 23 maart werd de eerste ‘The Next Cocreator’ bijeenkomst van 2012 georganiseerd met als thema “Vergroten van multidisciplinaire inzichten en perspectieven middels co-creatie”. De sessie vond plaats in het Belevingscentrum van Wolter en Dros in Amersfoort, een locatie die bij uitstek toont hoe de omgeving van positieve invloed kan zijn op cocreatie.
Na een originele speeddatesessie tussen de aanwezigen, opende Marieke Schoenmaker (Gamechanger) de bijeenkomst met een korte presentatie over de The Next Cocreator community. Deze community bestaat uit mensen die kennis en ervaringen op het gebied van cocreatie met elkaar delen met als doel het vakgebied verder te brengen. Dit jaar zijn er 4 themasessies, waarbij de community bij elkaar komt om de rol van online en offline cocreatie in het NPD-proces uit te diepen.
Tijdens haar presentatie kwam ook de definitie van cocreatie ter sprake: “Cocreatie is een manier van organiseren, waarbij je, vanuit jezelf, samen met collega’s, klanten en partners producten, diensten, processen, en markten ontwikkelt die waarde creëren”. Vanuit de groep werd opgemerkt dat deze definitie aangevuld zou moeten worden met het loskomen van jouw eigen belang en op zoek gaan naar gemeenschappelijkheid. Dan pas kom je tot cocreatie.
Eerste stap in cocreatie: luisteren en observeren
Joyce van Dijk (Dialogue Manager bij MWM2) nam na Marieke het woord om een theoretisch kader te scheppen rond de uitdagingen van observeren en interpreteren. Goed luisteren naar en analyseren van de eindgebruiker is volgens haar de eerste stap naar cocreatie. De eindgebruiker is tegenwoordig, mede door de komst van social media, zeer invloedrijk, kritisch en goed geïnformeerd. Een voorbeeld: 25% van de consumenten geeft aan dat één negatieve online review hen kan weerhouden van een aankoop. Luister dus aandachtig naar wat er over je producten gezegd wordt en betrek de eindgebruiker bij cocreatie, bijvoorbeeld als ‘insight provider’. In dit artikel op Frankwatching lees je meer over de verschillende rollen van consumenten in het proces cocreatie.
Daarnaast gaf Joyce grappige voorbeelden van de soms haast willekeurige beslissingen van mensen. Je maakt namelijk een beslissing op bepaalde stukken informatie, weegt niet altijd alles nauwkeurig af en je bent je daarbij ook niet overal bewust van. Ook als onderzoeker moet je je bewust zijn van jouw eigen blinde vlekken. Joyce toonde dit aan met een amuserend filmpje waarbij verschillende zaken veranderd werden, zonder dat dit de kijker opviel.
Heinz research community
Joëlla Marsman (Marketing Research analist bij Heinz) gaf met haar presentatie een blik in de cocreatiekeuken van Heinz. Heinz realiseerde zich een aantal jaren terug de veranderingen bij eindgebruikers en zag ook dat haar marketeers een stap moesten maken om de consument beter te begrijpen. Er is daarom gekozen voor een gesloten research community, genaamd ‘Food & Zo’, die gevormd werd uit leden van het reeds aanwezige klantenpanel. De research community werd breed opgezet: alle producten en merken binnen het Heinz-portfolio worden besproken. De mensen die werden gekozen voor de community, hebben daarom een vrij brede gemene deler: interesse in voeding en bereidheid om erover te praten.
Community voor feedback en inzichten
In de research community worden twee soorten vragen gesteld: ‘ad-hoc’ vragen voor feedback, zoals het testen van een nieuw design, en langetermijnvragen voor inzichten en inspiratie, zoals hoe de aankoop van levensmiddelen vergaat in tijden van crisis. De Heinz-marketeers zijn wekelijks (en het liefst dagelijks) actief in de community om in dialoog te gaan met de leden. Via een wekelijkse nieuwsbrief worden de leden op de hoogte gehouden van nieuwe ontwikkelingen. Naast deze gerichte dialogen, is er ook ruimte in de community voor ‘fun’, een sociale hoek waar de leden hun gang kunnen gaan.
Joëlla erkent dat er wel uitdagingen zijn voor zo’n community. Zo is er veel commitment nodig, want de marketeers hebben niet altijd ‘tijd’ voor de community. Het is dus zeer belangrijk dat het management helemaal achter de research community staat en dat de community ‘top-of-mind’ blijft. Daarnaast levert de community een enorme bak aan informatie op die geanalyseerd moet worden. De marketeers worden intern opgeleid om dit te kunnen doen. Ze schrijven rapportages, maar spelen ook games om informatie met elkaar te delen en er zijn interne nieuwsbrieven. Joëlla hangt ook quotes op in het gebouw, zodat alle medewerkers geïnspireerd en geconfronteerd worden met uitspraken uit de community. Op deze manier wordt er gericht en op een leuke manier informatie (en de stem van de community) gedeeld in de organisatie.
Cocreatie game: samen een park renoveren
Na de inspirerende presentaties, begonnen we aan een cocreatie-game om het geleerde in de praktijk te brengen. Iedereen kreeg een rol toebedeeld om een park te renoveren, van buurtbewoner tot gemeente en van eigenaar van de aangrenzende crèche tot de communitymanager; hierbij werd ook direct duidelijk dat er tegenstrijdige belangen spelen. Eerst interviewden we elkaar om onze, soms botsende, belangen boven tafel te krijgen. Vervolgens ontwierpen we in twee groepen de parken. Tijdens dit proces kwamen we er al snel achter dat er behoefte was aan een procesbegeleider, die ervoor zorgt dat iedereen aan het woord komt en de belangen bij elkaar komen. Dit herinnerde me aan de opmerking aan het begin van de sessie om de definitie van cocreatie aan te passen; dat we moeten proberen om onze eigen belangen los te laten om tot een gemeenschappelijk doel te komen.
Met deze wijze les in het achterhoofd zal in juni de volgende bijeenkomst plaatsvinden, waarbij de volgende stap gemaakt wordt: het genereren van ideeën. Wil je er ook bij zijn? Meld je hier aan voor de volgende Next Cocreator-sessie, word lid van de LinkedIn-groep of bekijk een filmpje van deze bijeenkomst.
dinsdag 26 april 2011
Eindredacteur voor communitymanagers.nl
Leuk nieuws: vanaf nu zal ik de (eind)redactie gaan doen van de website communitymanagers.nl. Deze website is hét kenniscentrum voor alle Communitymanagers en -strategen in Nederland. Ik heb er veel zin in om met het bestuur en de bloggers de site naar een volgend niveau te brengen!
Ik ben inmiddels iets meer dan een jaar betrokken bij de (inmiddels officiële) vereniging. Ik kwam naar de bijeenkomsten om andere ervaren communitymanagers te leren kennen en kennis uit te wisselen. Ik heb zo dus een aantal bijeenkomsten van de vereniging bezocht (waarvan ik van één bijeenkomst een verslag heb geschreven) en werd steeds meer betrokken. Ik ben trouwens ook een keer geïnterviewd over mijn ervaringen als communitymanager van Websitemaker (zie: Interview met Tineke Pauw, Community Manager voor Websitemakerclub van Kennisnet).
Naast de website is er o.a. een (afgeschermde) LinkedIn-groep, kun je via de hashtag #cmnl discussies en linktips volgen, en er is sinds kort ook een Facebook-groep.
Ik vervul deze functie trouwens op vrijwillige (enthousiaste) basis. ;-) De komende maand zal ik me vooral gaan verdiepen in de mogelijkheden van de site (en toebehoren, denk ook aan de social media). Tips zijn altijd welkom!
Ik ben inmiddels iets meer dan een jaar betrokken bij de (inmiddels officiële) vereniging. Ik kwam naar de bijeenkomsten om andere ervaren communitymanagers te leren kennen en kennis uit te wisselen. Ik heb zo dus een aantal bijeenkomsten van de vereniging bezocht (waarvan ik van één bijeenkomst een verslag heb geschreven) en werd steeds meer betrokken. Ik ben trouwens ook een keer geïnterviewd over mijn ervaringen als communitymanager van Websitemaker (zie: Interview met Tineke Pauw, Community Manager voor Websitemakerclub van Kennisnet).
Naast de website is er o.a. een (afgeschermde) LinkedIn-groep, kun je via de hashtag #cmnl discussies en linktips volgen, en er is sinds kort ook een Facebook-groep.
Ik vervul deze functie trouwens op vrijwillige (enthousiaste) basis. ;-) De komende maand zal ik me vooral gaan verdiepen in de mogelijkheden van de site (en toebehoren, denk ook aan de social media). Tips zijn altijd welkom!
maandag 22 november 2010
Op Frankwatching: Hyves-leden maken eerste echte Nederlandse Pickwickthee via cocreatie
De oorspronkelijke versie van dit artikel vind je op Frankwatching.com.
Vijfentwintig Hyvers – en fans van Pickwick – zijn 3 maanden lang via een cocreatietraject intensief betrokken bij de ontwikkeling van een nieuwe, echt Nederlandse theevariant: de Pickwick Dutch Tea Blend. Wouter Eckelmans (Marketing Manager bij Pickwick) en Marjolein van der Ham (Key Account Manager bij Hyves) vertellen over hun ervaringen en de resultaten van dit cocreatietraject.
Aanleiding voor cocreatie
Wat waren de doelstellingen van het cocreatietraject?
Wouter: “Omdat het dit jaar 400 jaar geleden is dat de eerste theelading in Nederland en Europa arriveerde, zijn we wat dieper in onze Pickwick-archieven gedoken en kwamen daarbij tot interessante ontdekkingen. Zo blijkt dat de Nederlanders niet alleen verantwoordelijk waren voor het verspreiden en populariseren van thee in Europa (Nederlanders brachten de thee ook naar Engeland!), maar dat ze ook al een ‘eigen’ thee hadden. Dit was een thee van het Pecco-type, dat bij aankomst in Amsterdam werd aangeboden aan het huis van Oranje en zo zijn internationaal bekende naam Oranje Pecco thee kreeg. We vroegen ons daarom af waarom we wel een English blend hebben en nog geen Dutch blend! Om een echte Hollandse thee met de smaak van nu te maken, besloten we deze thee samen met Nederlanders te maken.
Doelstelling van het project was voor Pickwick dus enerzijds om een echte Nederlandse thee te maken van Nederland voor Nederland en anderzijds om deze op een ludieke en geloofwaardige manier aan de rest van Nederland te kunnen presenteren. Door dit cocreatietraject willen we het Pickwick-merk op relevante manier actueel houden vanuit de laagdrempelige kracht die het al heeft. En wat is er dan mooier om echt een dialoog aan te kunnen gaan met je fans en deze mensen laten bepalen hoe hun Nederlandse thee moet smaken, ruiken en heten? Tot slot wilden we met het cocreatietraject ook een jonger publiek interesseren voor klassieke thee, die ook heel licht en verfijnd kan zijn.”
Marjolein: “Dit innovatieve cocreatietraject biedt Hyves de kans om te laten zien of Hyvers een participerende rol kunnen en willen spelen in de productontwikkeling en of het platform Hyves hier een geschikt medium voor is. Wij hebben hier nog geen ervaring in, dus dit biedt ons een interessant leertraject. Hyves is een zeer geschikt kanaal voor langdurige aanwezigheid van een merk. De doelstellingen van een 24-7 strategie kunnen variëren, je kan denken aan bijvoorbeeld een serviceplatform, een communicatieplatform, of een belevingsplatform. Of productontwikkeling daar ook een passend doel in kan zijn, wilden we met Pickwick ondervinden.”
Selectie Pickwick-fans op Hyves
Hoe zijn de deelnemende Hyvers geselecteerd?
Marjolein: “Binnen Hyves hebben ruim 162.000 Hyvers aangegeven fan te zijn van het merk Pickwick. Vooraf hebben we op Hyves onder de Pickwick-fans de vraag uitgezet wie de nieuwe Pickwick melangeur wil worden. Daar zijn honderden aanmeldingen op binnengekomen. Uiteindelijk konden 25 Hyvers aan dit project deelnemen, dus heeft Pickwick zelf een aantal selectiecriteria gesteld. Denk hierbij aan een bepaalde leeftijdscategorie (van 25 tot 35 jaar) en een bepaalde mate van expressiviteit: men moet wel openstaan voor ideeën en zijn/haar mening goed kunnen uiten. Daarnaast was het zeer gewenst dat men een actieve Hyvesgebruiker is.”
Online en offline cocreatie
Hoe zijn de Hyvers betrokken bij de ontwikkeling van de nieuwe theevariant?
Marjolein: “Allereerst is via Hyves het creatieteam geworven onder de Pickwick-fans. Pickwick heeft vervolgens 3 dagen georganiseerd waarop de theesmaak, de naam en de verpakking werden ontwikkeld. De rol van Hyves hierin betrof het faciliteren in het communicatieplatform, waar de melangeurs 24-7 met elkaar in contact konden staan. Zo kon Pickwick informatie verschaffen aan de melangeurs, konden de melangeurs vragen stellen aan Pickwick, maar werd het vooral gebruikt voor onderling contact om ideeën uit te wisselen.”
Wouter: “We hebben de 25 Hyvers uitgenodigd op 3 intensieve dagen. De eerste dag stond in het teken van een algemene thee-introductie en het bepalen van het concept. Hierbij konden ze aangeven welk concept het beste zou aansluiten bij wat voor hun een echte Nederlandse thee zou worden. De tweede dag vond plaats in onze theefabriek in Joure, waar sinds 1753 thee wordt gemelangeerd en vermarkt. Deze dag stond in het teken van proeven van diverse smaakrichtingen die onze melangeurs hadden gemaakt. Op de derde dag ging het over de verpakking en de naam van de thee.”
Beloning voor deelname?
Deden de Hyvers vrijwillig mee of kregen ze een beloning? Wat vonden ze van het cocreatietraject?
Marjolein: “De Hyvers vervulden de hoofdrol in dit traject. Als bedrijf wil je graag volle medewerking en inzet van de deelnemers, maar je kan mensen niet dwingen. Pickwick heeft de deelnemers uit waardering en dank goed in de watten gelegd. Denk hierbij aan goede organisatie, interessante daginvulling op een leuke locatie, reisvergoeding en een presentje aan het einde van de dag.
Van een echte beloning is dan ook geen sprake. Het feit dat ze een stem kregen in de creatie was al een enorme beleving en blijk van waardering voor ze. Uit ervaring weten wij ook dat voor betrokkenheid voor deelname (of dat nu actiematig is of in een dergelijk project) geldt dat relevantie en entertainment veel belangrijkere elementen zijn dan een beloning. De melangeurs waren dolenthousiast over hun rol en invloed, zo verschenen er na bekendmaking van het creatieteam al heel wat vreugdekreten in de wiewatwaar op Hyves.
Onder de dames uit het creatieteam zijn ondertussen ook meerdere vriendschappen gesloten!”
Samenwerking met professionals
Hoe was de samenwerking tussen de Hyvers en de professionele melangeurs?
Wouter: “De melangeurs hebben gedurende de 3 dagen een hoofdrol gespeeld in het slaan van bruggen met de nieuwe comelangeurs. Voor de conceptrichting gaven de Hyvers duidelijk aan aan welke smaakrichting ze zaten te denken en waarom. Op basis van die input zijn tientallen opties uitgewerkt waarbij op de tweede dag een duidelijke winnaar is aangeduid die daarna nog is geoptimaliseerd. De melangeurs hebben het als enorme verrijking ervaren om zo nauw te kunnen samenwerken met hun consumenten/fans. Dit maakte ontzettend veel positieve energie vrij bij zowel het cocreatieteam als onze melangeurs!”
Communitymanagement en cocreatie
Wat was de rol van de Community Manager in dit traject?
Marjolein: “Voor het cocreatietraject zijn twee Hyves (communicatieplatformen) opgericht:
* Eén speciale gesloten Hyve diende als communicatieplatform voor het creatieteam waar Pickwick en de deelnemers al hun inhoudelijke ideeën met elkaar konden delen en bespreken.
* De algemene Hyve Pickwick Gardens doet dienst als generiek theeplatform met een lange termijn insteek. Alle theeliefhebbers kunnen hier met elkaar, maar ook met Pickwick over thee praten. Deze leden vormen een waardevolle groep voor Pickwick, zij vormen de ambassadeurs voor Pickwick. Als waardering biedt Pickwick hen dan ook primeurtjes, nieuwtjes, leuke aanbiedingen etc. Zo mochten deze leden ook exclusief aanwezig zijn bij de officiële lancering van de Dutch Tea Blend.”
Wouter: “Binnen het Pickwick marketingteam hebben we een Community Manager die op geregelde tijdstippen teasers of polls plaatste op zowel de besloten Hyve als de Pickwickgardens Hyve. Het is belangrijk om geregeld nieuwe informatie te plaatsen of relevante content, om zo wel interactie te blijven faciliteren.
Bij de bredere groep hebben we o.a. polls over theethema’s ingezet naast het teasen voor de lancering van de Dutch Tea Blend. Belangrijker nog is dat we deze grotere groep samen met alle Pickwick-fans op Hyves nu gaan oproepen om ons te laten weten hoe hun ideale Nederlandse theeritueel eruit ziet. Daarvoor is een tool ontwikkeld op Hyves, zodat Hyvers zelf hun eigen etagère kunnen samenstellen met typisch Nederlandse hapjes. De top 3 van deze hapjes zullen worden opgenomen in de Dutch High Tea activatie, zodat we ook hier weer een vorm van cocreatie toepassen. Deze groep willen we ook in de toekomst blijven betrekken bij het merk o.a. door hen als eerste te informeren of hun nieuwe producten of acties als eerste te laten ervaren.”
Cocreatie: marketinggimmick of meer dan dat?
Wat is volgens jullie de meerwaarde van cocreatie?
Wouter: “De meerwaarde van cocreatie is dat je een echte dialoog kunt aangaan met je consument en letterlijk alle barrières kunt slechten die er tussen een conceptidee en een uiteindelijk product bestaan. Het is naar mijn ervaring dat marketing 3.0 (Philip Kotler) een goede balans heeft tussen push en pull. Het kan veel meer zijn dan een gimmick, maar enkel als je ook durft los te laten en de consument ook echt laat bepalen wat hij of zij wil met de input die je geeft. Je betrekt namelijk niet alleen je consument bij je merk, je maakt ze mede-eigenaar van een merk. Zo maak je van passieve fans actieve ambassadeurs!”
Marjolein: “De match tussen Hyves en Pickwick in dit traject is heel sterk, met allebei een focus op Nederland. Omdat Hyvers hun favoriete merken aangeven, vormt Hyves een sterke basis voor cocreatie. Het feit dat Hyves ruim 162.000 Pickwick fans heeft, maakt het logisch dat het cocreatietraject op Hyves plaatsvindt. Dit zorgt voor een geloofwaardig verhaal achter het product en dat maakt de oorsprong van dit product waardevol.
De meerwaarde voor de inzet van een sociaal netwerk zit hem in het laagdrempelige en intensieve gebruik van het communicatieplatform. Dit maakt het mogelijk om naast de 3 creatiedagen op locatie toch nauw en persoonlijk contact met elkaar te onderhouden. Zowel als deelnemers onder elkaar maar ook als Pickwick naar het creatieteam toe en vice versa.”
Samenwerking Pickwick en Hyves
Hoe verliep de samenwerking?
Marjolein: "De samenwerking is goed verlopen. We hebben continu nauw contact met elkaar gehad over de uitvoering van het traject. Hyves heeft een faciliterende rol als je naar een Hyve kijkt. Wij adviseren Pickwick hoe dit in te vullen en te bewerkstelligen, maar de rol van Communitymanagement is weggelegd voor het merk zelf. Medewerkers van Pickwick bepalen dus de tone-of-voice en voeren de communicatiestrategie uit van het bedrijf. Buiten dat het tijd kost, vereist het ook een duidelijk en doordacht plan, dat Pickwick goed heeft voorbereid.”
Wouter: “Hyves bood een zeer enthousiast en professioneel team dat zowel goede informatie gaf over do’s en dont’s op het gebied van het inrichten en opmaken van de Branded Hyves, als ook over hoe we het beste contact konden onderhouden en de dialoog konden aanzwengelen. Op alle cocreatie-dagen en uiteraard bij het pers-event was het team van Hyves aanwezig.”
Successen
Wat vonden jullie succesvol aan dit traject?
Wouter: “Het succes van dit traject zit op meerdere elementen: aan de ene kant is het erg innovatief en bijzonder verfrissend om een groep Pickwick-fans zo intensief te betrekken bij het ontwikkelen van een nieuwe thee. Aan de andere kant is dit team ook echt de groep ambassadeurs geworden van hun nieuwe thee. Ze hebben het eerste exemplaar van de Dutch Tea Blend aangeboden aan het Koningshuis (zoals 400 jaar geleden) en enkele dagen later aan de pers en de grote groep Hyvers. Het enthousiasme waarmee ze dat deden was gewoon prachtig en heel authentiek.”
Marjolein: “Wij waren positief verbaasd dat men bereid was om gedurende 3 maanden volledig betrokken te zijn bij dit traject. Het is ook gebleken dat de inzet van Hyves ervoor zorgt dat dit op een hele laagdrempelige en interactieve manier te realiseren is. Ten grondslag hieraan liggen ook de duidelijke doelstellingen die Pickwick van te voren heeft vastgesteld.
Vanuit de adverteerder gezien kunnen we stellen dat het van belang is dat het bedrijf het traject goed organiseert, de deelnemers enthousiast weet te houden en ook daadwerkelijk de stem van de Hyvers doorvoert. Terugkoppeling aan de Hyvers geven over ontwikkeling en resultaat is hierin ook van groot belang. Pickwick doet dit goed door op een juiste manier gebruikt te maken van de Hyve teneinde van je fans ambassadeurs te maken. Tevens doet ze dit door Hyves als kanaal te gebruiken om het nieuwe product te lanceren op een interactieve manier, waarbij de Hyvers tevens de kans krijgen om gratis de nieuwe thee te proeven.”
Leerpunten
Kunnen jullie leerpunten benoemen voor een eventueel volgende keer?
Marjolein: “Dit is het eerste traject waarbij de Hyver fysiek een rol krijgt in productontwikkeling. Gezien de eerste resultaten is het succesvol te noemen, maar we zullen na afloop het hele traject nog gaan evalueren. Daar zullen ongetwijfeld verbeterpunten uit naar voren komen.
Wat we bij 24-7 presence in z’n algemeenheid vaak als valkuil zien, is dat merken er heel makkelijk aan beginnen, maar dat het moeilijk is om er een succes van te maken. Dat is grotendeels afhankelijk van de strategie en moeite die erin gestoken wordt en het kost tijd. Merken raken op korte termijn teleurgesteld door geringe belangstelling van fans. Dat is bij Pickwick overigens niet aan de orde, zij pakken dit goed op.”
Toekomstplannen
Hebben jullie toekomstige samenwerkingsplannen?
Wouter: "Voor de toekomst zijn we vanuit Pickwick erg positief gestemd over nieuwe cocreatie-initiatieven. Concreet kan ik daar nog niet in zijn. Eerst gaan we het product goed in de markt zetten en het project goed evalueren.”
Marjolein: “Wij hebben kunnen laten zien dat de Hyvers heel enthousiast zijn over dergelijke initiatieven en hierin graag willen participeren. Hyves kan dit op een laagdrempelige manier mogelijk maken. Of we dit weer met Pickwick doen, daar is nog niet over gesproken. De cocreatie maakt de Dutch Tea Blend uniek met een eigen verhaal, dus wij verwachten niet dat nu elke thee met behulp van Hyvers wordt ontwikkeld.
Vanuit Hyves willen we kenbaar maken dat dit een geslaagde pilot is geweest en dat een project als cocreatie een heel goed toepasbaar doel kan zijn op Hyves. Wat betreft cocreatie in z’n algemeenheid staat Hyves zeker open voor nieuwe initiatieven.”
Momenteel heeft de lancering online een vervolg gekregen en kunnen theefans via Hyves laten weten hoe hun Hollandse High Tea eruit ziet. Neem dus eens een kijkje op de Pickwick Gardens Hyve. Voor deze campagne heeft Pickwick nauw samengewerkt met Hyves, Lost Boys, Only en Ketchum Pleon.
Vijfentwintig Hyvers – en fans van Pickwick – zijn 3 maanden lang via een cocreatietraject intensief betrokken bij de ontwikkeling van een nieuwe, echt Nederlandse theevariant: de Pickwick Dutch Tea Blend. Wouter Eckelmans (Marketing Manager bij Pickwick) en Marjolein van der Ham (Key Account Manager bij Hyves) vertellen over hun ervaringen en de resultaten van dit cocreatietraject.Aanleiding voor cocreatie
Wat waren de doelstellingen van het cocreatietraject?
Wouter: “Omdat het dit jaar 400 jaar geleden is dat de eerste theelading in Nederland en Europa arriveerde, zijn we wat dieper in onze Pickwick-archieven gedoken en kwamen daarbij tot interessante ontdekkingen. Zo blijkt dat de Nederlanders niet alleen verantwoordelijk waren voor het verspreiden en populariseren van thee in Europa (Nederlanders brachten de thee ook naar Engeland!), maar dat ze ook al een ‘eigen’ thee hadden. Dit was een thee van het Pecco-type, dat bij aankomst in Amsterdam werd aangeboden aan het huis van Oranje en zo zijn internationaal bekende naam Oranje Pecco thee kreeg. We vroegen ons daarom af waarom we wel een English blend hebben en nog geen Dutch blend! Om een echte Hollandse thee met de smaak van nu te maken, besloten we deze thee samen met Nederlanders te maken.
Doelstelling van het project was voor Pickwick dus enerzijds om een echte Nederlandse thee te maken van Nederland voor Nederland en anderzijds om deze op een ludieke en geloofwaardige manier aan de rest van Nederland te kunnen presenteren. Door dit cocreatietraject willen we het Pickwick-merk op relevante manier actueel houden vanuit de laagdrempelige kracht die het al heeft. En wat is er dan mooier om echt een dialoog aan te kunnen gaan met je fans en deze mensen laten bepalen hoe hun Nederlandse thee moet smaken, ruiken en heten? Tot slot wilden we met het cocreatietraject ook een jonger publiek interesseren voor klassieke thee, die ook heel licht en verfijnd kan zijn.”
Marjolein: “Dit innovatieve cocreatietraject biedt Hyves de kans om te laten zien of Hyvers een participerende rol kunnen en willen spelen in de productontwikkeling en of het platform Hyves hier een geschikt medium voor is. Wij hebben hier nog geen ervaring in, dus dit biedt ons een interessant leertraject. Hyves is een zeer geschikt kanaal voor langdurige aanwezigheid van een merk. De doelstellingen van een 24-7 strategie kunnen variëren, je kan denken aan bijvoorbeeld een serviceplatform, een communicatieplatform, of een belevingsplatform. Of productontwikkeling daar ook een passend doel in kan zijn, wilden we met Pickwick ondervinden.”
Selectie Pickwick-fans op Hyves
Hoe zijn de deelnemende Hyvers geselecteerd?
Marjolein: “Binnen Hyves hebben ruim 162.000 Hyvers aangegeven fan te zijn van het merk Pickwick. Vooraf hebben we op Hyves onder de Pickwick-fans de vraag uitgezet wie de nieuwe Pickwick melangeur wil worden. Daar zijn honderden aanmeldingen op binnengekomen. Uiteindelijk konden 25 Hyvers aan dit project deelnemen, dus heeft Pickwick zelf een aantal selectiecriteria gesteld. Denk hierbij aan een bepaalde leeftijdscategorie (van 25 tot 35 jaar) en een bepaalde mate van expressiviteit: men moet wel openstaan voor ideeën en zijn/haar mening goed kunnen uiten. Daarnaast was het zeer gewenst dat men een actieve Hyvesgebruiker is.”
Online en offline cocreatie
Hoe zijn de Hyvers betrokken bij de ontwikkeling van de nieuwe theevariant?
Marjolein: “Allereerst is via Hyves het creatieteam geworven onder de Pickwick-fans. Pickwick heeft vervolgens 3 dagen georganiseerd waarop de theesmaak, de naam en de verpakking werden ontwikkeld. De rol van Hyves hierin betrof het faciliteren in het communicatieplatform, waar de melangeurs 24-7 met elkaar in contact konden staan. Zo kon Pickwick informatie verschaffen aan de melangeurs, konden de melangeurs vragen stellen aan Pickwick, maar werd het vooral gebruikt voor onderling contact om ideeën uit te wisselen.”
Wouter: “We hebben de 25 Hyvers uitgenodigd op 3 intensieve dagen. De eerste dag stond in het teken van een algemene thee-introductie en het bepalen van het concept. Hierbij konden ze aangeven welk concept het beste zou aansluiten bij wat voor hun een echte Nederlandse thee zou worden. De tweede dag vond plaats in onze theefabriek in Joure, waar sinds 1753 thee wordt gemelangeerd en vermarkt. Deze dag stond in het teken van proeven van diverse smaakrichtingen die onze melangeurs hadden gemaakt. Op de derde dag ging het over de verpakking en de naam van de thee.”
Beloning voor deelname?
Deden de Hyvers vrijwillig mee of kregen ze een beloning? Wat vonden ze van het cocreatietraject?
Marjolein: “De Hyvers vervulden de hoofdrol in dit traject. Als bedrijf wil je graag volle medewerking en inzet van de deelnemers, maar je kan mensen niet dwingen. Pickwick heeft de deelnemers uit waardering en dank goed in de watten gelegd. Denk hierbij aan goede organisatie, interessante daginvulling op een leuke locatie, reisvergoeding en een presentje aan het einde van de dag.
Van een echte beloning is dan ook geen sprake. Het feit dat ze een stem kregen in de creatie was al een enorme beleving en blijk van waardering voor ze. Uit ervaring weten wij ook dat voor betrokkenheid voor deelname (of dat nu actiematig is of in een dergelijk project) geldt dat relevantie en entertainment veel belangrijkere elementen zijn dan een beloning. De melangeurs waren dolenthousiast over hun rol en invloed, zo verschenen er na bekendmaking van het creatieteam al heel wat vreugdekreten in de wiewatwaar op Hyves.
Onder de dames uit het creatieteam zijn ondertussen ook meerdere vriendschappen gesloten!”
Samenwerking met professionals
Hoe was de samenwerking tussen de Hyvers en de professionele melangeurs?
Wouter: “De melangeurs hebben gedurende de 3 dagen een hoofdrol gespeeld in het slaan van bruggen met de nieuwe comelangeurs. Voor de conceptrichting gaven de Hyvers duidelijk aan aan welke smaakrichting ze zaten te denken en waarom. Op basis van die input zijn tientallen opties uitgewerkt waarbij op de tweede dag een duidelijke winnaar is aangeduid die daarna nog is geoptimaliseerd. De melangeurs hebben het als enorme verrijking ervaren om zo nauw te kunnen samenwerken met hun consumenten/fans. Dit maakte ontzettend veel positieve energie vrij bij zowel het cocreatieteam als onze melangeurs!”
Communitymanagement en cocreatie
Wat was de rol van de Community Manager in dit traject?
Marjolein: “Voor het cocreatietraject zijn twee Hyves (communicatieplatformen) opgericht:
* Eén speciale gesloten Hyve diende als communicatieplatform voor het creatieteam waar Pickwick en de deelnemers al hun inhoudelijke ideeën met elkaar konden delen en bespreken.
* De algemene Hyve Pickwick Gardens doet dienst als generiek theeplatform met een lange termijn insteek. Alle theeliefhebbers kunnen hier met elkaar, maar ook met Pickwick over thee praten. Deze leden vormen een waardevolle groep voor Pickwick, zij vormen de ambassadeurs voor Pickwick. Als waardering biedt Pickwick hen dan ook primeurtjes, nieuwtjes, leuke aanbiedingen etc. Zo mochten deze leden ook exclusief aanwezig zijn bij de officiële lancering van de Dutch Tea Blend.”
Wouter: “Binnen het Pickwick marketingteam hebben we een Community Manager die op geregelde tijdstippen teasers of polls plaatste op zowel de besloten Hyve als de Pickwickgardens Hyve. Het is belangrijk om geregeld nieuwe informatie te plaatsen of relevante content, om zo wel interactie te blijven faciliteren.
Bij de bredere groep hebben we o.a. polls over theethema’s ingezet naast het teasen voor de lancering van de Dutch Tea Blend. Belangrijker nog is dat we deze grotere groep samen met alle Pickwick-fans op Hyves nu gaan oproepen om ons te laten weten hoe hun ideale Nederlandse theeritueel eruit ziet. Daarvoor is een tool ontwikkeld op Hyves, zodat Hyvers zelf hun eigen etagère kunnen samenstellen met typisch Nederlandse hapjes. De top 3 van deze hapjes zullen worden opgenomen in de Dutch High Tea activatie, zodat we ook hier weer een vorm van cocreatie toepassen. Deze groep willen we ook in de toekomst blijven betrekken bij het merk o.a. door hen als eerste te informeren of hun nieuwe producten of acties als eerste te laten ervaren.”
Cocreatie: marketinggimmick of meer dan dat?
Wat is volgens jullie de meerwaarde van cocreatie?
Wouter: “De meerwaarde van cocreatie is dat je een echte dialoog kunt aangaan met je consument en letterlijk alle barrières kunt slechten die er tussen een conceptidee en een uiteindelijk product bestaan. Het is naar mijn ervaring dat marketing 3.0 (Philip Kotler) een goede balans heeft tussen push en pull. Het kan veel meer zijn dan een gimmick, maar enkel als je ook durft los te laten en de consument ook echt laat bepalen wat hij of zij wil met de input die je geeft. Je betrekt namelijk niet alleen je consument bij je merk, je maakt ze mede-eigenaar van een merk. Zo maak je van passieve fans actieve ambassadeurs!”
Marjolein: “De match tussen Hyves en Pickwick in dit traject is heel sterk, met allebei een focus op Nederland. Omdat Hyvers hun favoriete merken aangeven, vormt Hyves een sterke basis voor cocreatie. Het feit dat Hyves ruim 162.000 Pickwick fans heeft, maakt het logisch dat het cocreatietraject op Hyves plaatsvindt. Dit zorgt voor een geloofwaardig verhaal achter het product en dat maakt de oorsprong van dit product waardevol.
De meerwaarde voor de inzet van een sociaal netwerk zit hem in het laagdrempelige en intensieve gebruik van het communicatieplatform. Dit maakt het mogelijk om naast de 3 creatiedagen op locatie toch nauw en persoonlijk contact met elkaar te onderhouden. Zowel als deelnemers onder elkaar maar ook als Pickwick naar het creatieteam toe en vice versa.”
Samenwerking Pickwick en Hyves
Hoe verliep de samenwerking?
Marjolein: "De samenwerking is goed verlopen. We hebben continu nauw contact met elkaar gehad over de uitvoering van het traject. Hyves heeft een faciliterende rol als je naar een Hyve kijkt. Wij adviseren Pickwick hoe dit in te vullen en te bewerkstelligen, maar de rol van Communitymanagement is weggelegd voor het merk zelf. Medewerkers van Pickwick bepalen dus de tone-of-voice en voeren de communicatiestrategie uit van het bedrijf. Buiten dat het tijd kost, vereist het ook een duidelijk en doordacht plan, dat Pickwick goed heeft voorbereid.”
Wouter: “Hyves bood een zeer enthousiast en professioneel team dat zowel goede informatie gaf over do’s en dont’s op het gebied van het inrichten en opmaken van de Branded Hyves, als ook over hoe we het beste contact konden onderhouden en de dialoog konden aanzwengelen. Op alle cocreatie-dagen en uiteraard bij het pers-event was het team van Hyves aanwezig.”
Successen
Wat vonden jullie succesvol aan dit traject?
Wouter: “Het succes van dit traject zit op meerdere elementen: aan de ene kant is het erg innovatief en bijzonder verfrissend om een groep Pickwick-fans zo intensief te betrekken bij het ontwikkelen van een nieuwe thee. Aan de andere kant is dit team ook echt de groep ambassadeurs geworden van hun nieuwe thee. Ze hebben het eerste exemplaar van de Dutch Tea Blend aangeboden aan het Koningshuis (zoals 400 jaar geleden) en enkele dagen later aan de pers en de grote groep Hyvers. Het enthousiasme waarmee ze dat deden was gewoon prachtig en heel authentiek.”
Marjolein: “Wij waren positief verbaasd dat men bereid was om gedurende 3 maanden volledig betrokken te zijn bij dit traject. Het is ook gebleken dat de inzet van Hyves ervoor zorgt dat dit op een hele laagdrempelige en interactieve manier te realiseren is. Ten grondslag hieraan liggen ook de duidelijke doelstellingen die Pickwick van te voren heeft vastgesteld.
Vanuit de adverteerder gezien kunnen we stellen dat het van belang is dat het bedrijf het traject goed organiseert, de deelnemers enthousiast weet te houden en ook daadwerkelijk de stem van de Hyvers doorvoert. Terugkoppeling aan de Hyvers geven over ontwikkeling en resultaat is hierin ook van groot belang. Pickwick doet dit goed door op een juiste manier gebruikt te maken van de Hyve teneinde van je fans ambassadeurs te maken. Tevens doet ze dit door Hyves als kanaal te gebruiken om het nieuwe product te lanceren op een interactieve manier, waarbij de Hyvers tevens de kans krijgen om gratis de nieuwe thee te proeven.”
Leerpunten
Kunnen jullie leerpunten benoemen voor een eventueel volgende keer?
Marjolein: “Dit is het eerste traject waarbij de Hyver fysiek een rol krijgt in productontwikkeling. Gezien de eerste resultaten is het succesvol te noemen, maar we zullen na afloop het hele traject nog gaan evalueren. Daar zullen ongetwijfeld verbeterpunten uit naar voren komen.
Wat we bij 24-7 presence in z’n algemeenheid vaak als valkuil zien, is dat merken er heel makkelijk aan beginnen, maar dat het moeilijk is om er een succes van te maken. Dat is grotendeels afhankelijk van de strategie en moeite die erin gestoken wordt en het kost tijd. Merken raken op korte termijn teleurgesteld door geringe belangstelling van fans. Dat is bij Pickwick overigens niet aan de orde, zij pakken dit goed op.”
Toekomstplannen
Hebben jullie toekomstige samenwerkingsplannen?
Wouter: "Voor de toekomst zijn we vanuit Pickwick erg positief gestemd over nieuwe cocreatie-initiatieven. Concreet kan ik daar nog niet in zijn. Eerst gaan we het product goed in de markt zetten en het project goed evalueren.”
Marjolein: “Wij hebben kunnen laten zien dat de Hyvers heel enthousiast zijn over dergelijke initiatieven en hierin graag willen participeren. Hyves kan dit op een laagdrempelige manier mogelijk maken. Of we dit weer met Pickwick doen, daar is nog niet over gesproken. De cocreatie maakt de Dutch Tea Blend uniek met een eigen verhaal, dus wij verwachten niet dat nu elke thee met behulp van Hyvers wordt ontwikkeld.
Vanuit Hyves willen we kenbaar maken dat dit een geslaagde pilot is geweest en dat een project als cocreatie een heel goed toepasbaar doel kan zijn op Hyves. Wat betreft cocreatie in z’n algemeenheid staat Hyves zeker open voor nieuwe initiatieven.”
Momenteel heeft de lancering online een vervolg gekregen en kunnen theefans via Hyves laten weten hoe hun Hollandse High Tea eruit ziet. Neem dus eens een kijkje op de Pickwick Gardens Hyve. Voor deze campagne heeft Pickwick nauw samengewerkt met Hyves, Lost Boys, Only en Ketchum Pleon.
maandag 11 oktober 2010
Co-creation Event: cocreatie is meer dan een hype
Cocreatie gaat verder en moet verder gaan dan de hype. Dat bewees het tweede Co-creation Event op woensdag 29 september 2010 op de High Tech Campus in Eindhoven, met interessante workshops over het verleden, heden en toekomst van cocreatie. De vers opgerichte Co-creation Association organiseerde het event, dat dit keer een hele dag duurde en een internationaal karakter had.Lees verder op Frankwatching.com
maandag 12 juli 2010
Draagvlak voor de community (verslag communitymanager bijeenkomst)
De oorspronkelijke versie van dit verslag van de Community Manager Nederland bijeenkomst, staat hier.
Op 1 juli 2010 vond de zesde Community Manager Nederland (#cmnl) bijeenkomst plaats. Het thema van deze sessie was: “het creëren van draagvlak binnen de organisatie voor de community”. Hierbij gaat het om enthousiasmeren, informeren, en het betrekken van medewerkers, management en directie. Daarnaast werd de rol van de communitymanager in de organisatie besproken.
We waren dit keer uitgenodigd door Hans Schepers, marketing manager online bij Rabobank Nederland en ondermeer verantwoordelijk voor de Rabo starterscommunity. Hij gaf de kick-off van de sessie met een presentatie over de starterscommunity’s van de Rabobank.
De Rabobank Starterscommunity’s
De Rabobank bestaat uit meer dan 150 onafhankelijke banken. De website bestaat uit statische content, maar er was voor de diverse wensen en behoeften van de startersdoelgroep meer nodig. De Rabobank wil daar zijn waar haar klanten zijn en de online zichtbaarheid voor oriënterende starters verbeteren. Daarom is er twee jaar terug gestart met een aantal lokale starterscommunity’s.
Het doel van dit project is om te ontdekken welke bijdrage social media levert aan de relatie tussen de lokale Rabobank en haar leden, klanten en andere belanghebbenden. In de community’s bloggen de lokale banken en kunnen de leden elkaar op weg helpen en soms zelfs zaken doen.
De community’s zijn geografisch bepaald, naar het model van de Rabobank. De lokale banken zijn leidend in dit project. Het zijn over het algemeen traditionele organisaties, dus ze hebben wel hulp en begeleiding nodig van Rabobank Nederland. De banken zijn meestal afwachtend en vragen zich af wat zo’n community hen oplevert. Hans Schepers heeft de rol om aan te jagen en te begeleiden.
Het is de taak van Schepers om de banken te overtuigen van het gebruik van social media, de community, en om een sterk netwerk op te bouwen. De banken moeten leren dat het niet meer gaat om zenden, maar dat ze online de dialoog aan moeten gaan. Schepers zoekt in de organisaties de mensen die het leuk vinden om te doen, want het heeft geen zin om de community’s bij medewerkers te beleggen die niets met internet hebben. De lokale banken komen ook regelmatig bijeen om van elkaars ervaringen te leren.
De leden worden betrokken bij de ontwikkeling van de starterscommunity. Het ledenaantal groeit; het zijn er nu in het hele land circa 2600. Daarbij zijn enkele tientallen leden zeer actief. De leden komen ook bij elkaar tijdens bijeenkomsten om te netwerken, maar ook om feedback te geven op het platform.
De presentatie van Hans Schepers wekte interessante vragen op. Zo kun je jezelf afvragen of het goed is om de starterscommunity lokaal gebonden te houden of dat het beter landelijk georganiseerd kan worden. Sommige vragen in de forums zijn namelijk algemeen en voor leden in andere plaatsen ook interessant. Hans vertelde dat er naast lokaal en nationaal, ook een mix van beide wordt overwogen.
Er kwam ook een discussie op gang of het van belang is dat communityleden met naam en toenaam in hun profiel genoemd moeten worden, of dat het juist beter en vrijer is om anoniem op een forum te opereren. Daarnaast werd de vraag gesteld of de communitymanager van een starterscommunity per se een Rabobankmedewerker moet zijn, of dat dit expertise juist geworven moet worden.
Draagvlak voor community’s
Na de presentatie van Schepers werd het tijd voor het tweede onderdeel van de sessie. We gingen brainstormen over subtopics onder de noemer ‘draagvlak voor community’s’, die we vervolgens in groepen uit gingen werken. Daarna kwamen we weer bijeen om met elkaar de verkregen kennis te delen. Dit onderdeel werd begeleid door Leonardo Zangrando van Entrepeneurs Peer-Learning Europe, en was naar het model van het Enterprise Camp.
“Wees nooit verantwoordelijk voor de output”
De eerste groep vertelde dat je als communitymanager nooit verantwoordelijk moet zijn voor de output. Het komt een community niet ten goede als de communitymanager zich alleen op de kwantiteit moet richten. Je bent er voor de verbinding, je draagt bij aan het communicatievaardig maken van het hele bedrijf. In tegenstelling tot callcenters wordt nu online zichtbaar wat je communiceert (of wat je juist niet communiceert). Het communicatievaardig maken van het hele bedrijf betekent dat iedereen onderdeel wordt van de merkbeleving. Dit wordt belangrijker dan slechts mensen werven of mensen individueel helpen. Zorg dat je als communitymanager het minst het woord voert, laat anderen dat doen. Wees functioneel zichtbaar en authentiek. Hou de collectieve waardebepaling dicht bij je bedrijf. Voer zichtbaar de regie van de dialoog. Communitymanagement krijgt een allesomvattende betekenis.
Taken van de communitymanager
De tweede groep heeft de taken van de communitymanager besproken. Ontwikkel je community vanuit de missie van de organisatie of vanuit jouw passie (en eigenlijk het liefst beide). De vraag werd gesteld of je als communitymanager iets van het onderwerp moet weten, of dat je alleen de passie voor verbinden en het samenbrengen van mensen moet bezitten. Uit het groepsoverleg kwam naar voren dat je in ieder geval een basiskennis van het onderwerp moet hebben.
De tweede groep stipte nog een aantal onderwerpen aan, zoals de kwestie van kwaliteit versus kwantiteit. Volgens hen zorgt kwaliteit voor kwantiteit; goede content en een goede community trekt meer leden. In een ideale situatie verzorgt de community ook de content, maar de redactie kan hier wel een push aan geven. Gebruik de meest actieve gebruikers als het geweten van de community, bijvoorbeeld bij het toetsen of commerciële boodschappen in een non-profit community geplaatst mogen worden.
De rol van de communitymanager binnen de organisatie
De derde groep besprak de rol van de communitymanager en haar plek in de organisatie. De communitymanager is soms roepende in de woestijn. Het communitymanagement is namelijk een jong beroep en nog niet helder belegd. Soms word je vrijgelaten in je job, maar vaak stuit je ook op tegenwerking binnen de organisatie. De huidige communitymanager is dan ook een doener, die vaak iets gewoon doet en achteraf de goedkeuring vraagt. Het woord ‘guerillacommunitymanager’ is hier ook gevallen. Je moet niet teveel denken en toestemming vragen, maar gewoon het voortouw nemen. Je loopt namelijk meestal voorop in de organisatie. Onderschat nooit je eigen kennis. Ga overwogen te werk en laat de successen zien. En als je eenmaal goed bezig bent met een community, wie haalt dan de stekker uit de klant?
Er zijn vele verschillende vormen van communitymanagers: van non-profit tot commercieel, van de community als kern van de organisatie tot iets dat ‘erbij komt’, van intern tot extern, etc. De communitymanager heeft meestal geen budget en moet bij andere afdelingen langs om daar geld voor bijeenkomsten of tools los te krijgen. De vergelijking met CRM viel hier: het is opvallend dat een accountmanager wel een eigen budget heeft om te netwerken. Zouden hier meer overeenkomsten in liggen? Is de communitymanager straks de gastheer of gastvrouw van de organisatie?
Het was een enerverende bijeenkomst die werd afgesloten met een gezellige borrel. De opgedane kennis kunnen we met zijn allen verder uitwerken, want er kwamen zoveel ideeën los dat zo’n avond eigenlijk veel te kort is!
Op 1 juli 2010 vond de zesde Community Manager Nederland (#cmnl) bijeenkomst plaats. Het thema van deze sessie was: “het creëren van draagvlak binnen de organisatie voor de community”. Hierbij gaat het om enthousiasmeren, informeren, en het betrekken van medewerkers, management en directie. Daarnaast werd de rol van de communitymanager in de organisatie besproken.We waren dit keer uitgenodigd door Hans Schepers, marketing manager online bij Rabobank Nederland en ondermeer verantwoordelijk voor de Rabo starterscommunity. Hij gaf de kick-off van de sessie met een presentatie over de starterscommunity’s van de Rabobank.
De Rabobank Starterscommunity’s
De Rabobank bestaat uit meer dan 150 onafhankelijke banken. De website bestaat uit statische content, maar er was voor de diverse wensen en behoeften van de startersdoelgroep meer nodig. De Rabobank wil daar zijn waar haar klanten zijn en de online zichtbaarheid voor oriënterende starters verbeteren. Daarom is er twee jaar terug gestart met een aantal lokale starterscommunity’s.
Het doel van dit project is om te ontdekken welke bijdrage social media levert aan de relatie tussen de lokale Rabobank en haar leden, klanten en andere belanghebbenden. In de community’s bloggen de lokale banken en kunnen de leden elkaar op weg helpen en soms zelfs zaken doen.
De community’s zijn geografisch bepaald, naar het model van de Rabobank. De lokale banken zijn leidend in dit project. Het zijn over het algemeen traditionele organisaties, dus ze hebben wel hulp en begeleiding nodig van Rabobank Nederland. De banken zijn meestal afwachtend en vragen zich af wat zo’n community hen oplevert. Hans Schepers heeft de rol om aan te jagen en te begeleiden.
Het is de taak van Schepers om de banken te overtuigen van het gebruik van social media, de community, en om een sterk netwerk op te bouwen. De banken moeten leren dat het niet meer gaat om zenden, maar dat ze online de dialoog aan moeten gaan. Schepers zoekt in de organisaties de mensen die het leuk vinden om te doen, want het heeft geen zin om de community’s bij medewerkers te beleggen die niets met internet hebben. De lokale banken komen ook regelmatig bijeen om van elkaars ervaringen te leren.
De leden worden betrokken bij de ontwikkeling van de starterscommunity. Het ledenaantal groeit; het zijn er nu in het hele land circa 2600. Daarbij zijn enkele tientallen leden zeer actief. De leden komen ook bij elkaar tijdens bijeenkomsten om te netwerken, maar ook om feedback te geven op het platform.
De presentatie van Hans Schepers wekte interessante vragen op. Zo kun je jezelf afvragen of het goed is om de starterscommunity lokaal gebonden te houden of dat het beter landelijk georganiseerd kan worden. Sommige vragen in de forums zijn namelijk algemeen en voor leden in andere plaatsen ook interessant. Hans vertelde dat er naast lokaal en nationaal, ook een mix van beide wordt overwogen.
Er kwam ook een discussie op gang of het van belang is dat communityleden met naam en toenaam in hun profiel genoemd moeten worden, of dat het juist beter en vrijer is om anoniem op een forum te opereren. Daarnaast werd de vraag gesteld of de communitymanager van een starterscommunity per se een Rabobankmedewerker moet zijn, of dat dit expertise juist geworven moet worden.
Draagvlak voor community’s
Na de presentatie van Schepers werd het tijd voor het tweede onderdeel van de sessie. We gingen brainstormen over subtopics onder de noemer ‘draagvlak voor community’s’, die we vervolgens in groepen uit gingen werken. Daarna kwamen we weer bijeen om met elkaar de verkregen kennis te delen. Dit onderdeel werd begeleid door Leonardo Zangrando van Entrepeneurs Peer-Learning Europe, en was naar het model van het Enterprise Camp.
“Wees nooit verantwoordelijk voor de output”
De eerste groep vertelde dat je als communitymanager nooit verantwoordelijk moet zijn voor de output. Het komt een community niet ten goede als de communitymanager zich alleen op de kwantiteit moet richten. Je bent er voor de verbinding, je draagt bij aan het communicatievaardig maken van het hele bedrijf. In tegenstelling tot callcenters wordt nu online zichtbaar wat je communiceert (of wat je juist niet communiceert). Het communicatievaardig maken van het hele bedrijf betekent dat iedereen onderdeel wordt van de merkbeleving. Dit wordt belangrijker dan slechts mensen werven of mensen individueel helpen. Zorg dat je als communitymanager het minst het woord voert, laat anderen dat doen. Wees functioneel zichtbaar en authentiek. Hou de collectieve waardebepaling dicht bij je bedrijf. Voer zichtbaar de regie van de dialoog. Communitymanagement krijgt een allesomvattende betekenis.
Taken van de communitymanager
De tweede groep heeft de taken van de communitymanager besproken. Ontwikkel je community vanuit de missie van de organisatie of vanuit jouw passie (en eigenlijk het liefst beide). De vraag werd gesteld of je als communitymanager iets van het onderwerp moet weten, of dat je alleen de passie voor verbinden en het samenbrengen van mensen moet bezitten. Uit het groepsoverleg kwam naar voren dat je in ieder geval een basiskennis van het onderwerp moet hebben.
De tweede groep stipte nog een aantal onderwerpen aan, zoals de kwestie van kwaliteit versus kwantiteit. Volgens hen zorgt kwaliteit voor kwantiteit; goede content en een goede community trekt meer leden. In een ideale situatie verzorgt de community ook de content, maar de redactie kan hier wel een push aan geven. Gebruik de meest actieve gebruikers als het geweten van de community, bijvoorbeeld bij het toetsen of commerciële boodschappen in een non-profit community geplaatst mogen worden.
De rol van de communitymanager binnen de organisatie
De derde groep besprak de rol van de communitymanager en haar plek in de organisatie. De communitymanager is soms roepende in de woestijn. Het communitymanagement is namelijk een jong beroep en nog niet helder belegd. Soms word je vrijgelaten in je job, maar vaak stuit je ook op tegenwerking binnen de organisatie. De huidige communitymanager is dan ook een doener, die vaak iets gewoon doet en achteraf de goedkeuring vraagt. Het woord ‘guerillacommunitymanager’ is hier ook gevallen. Je moet niet teveel denken en toestemming vragen, maar gewoon het voortouw nemen. Je loopt namelijk meestal voorop in de organisatie. Onderschat nooit je eigen kennis. Ga overwogen te werk en laat de successen zien. En als je eenmaal goed bezig bent met een community, wie haalt dan de stekker uit de klant?
Er zijn vele verschillende vormen van communitymanagers: van non-profit tot commercieel, van de community als kern van de organisatie tot iets dat ‘erbij komt’, van intern tot extern, etc. De communitymanager heeft meestal geen budget en moet bij andere afdelingen langs om daar geld voor bijeenkomsten of tools los te krijgen. De vergelijking met CRM viel hier: het is opvallend dat een accountmanager wel een eigen budget heeft om te netwerken. Zouden hier meer overeenkomsten in liggen? Is de communitymanager straks de gastheer of gastvrouw van de organisatie?
Het was een enerverende bijeenkomst die werd afgesloten met een gezellige borrel. De opgedane kennis kunnen we met zijn allen verder uitwerken, want er kwamen zoveel ideeën los dat zo’n avond eigenlijk veel te kort is!
zondag 6 juni 2010
Kidsmarketing: digikids zijn ook gewoon kinderen (Frankwatching)
Namens Frankwatching ging ik op 2 juni naar de Kidsmarketing dag. Het oorspronkelijke artikel kun je hier vinden.
Op woensdag 2
juni werd met een flashmob de Kidsdag van het 19e congres Kids en Jongerenmarketing in Pakhuis de Zwijger geopend. De dag was vol gepland met interessante sprekers van o.a. Disney en Taptoe. Ook waren kinderen zelf aan het woord. Het werd tijdens het congres al snel duidelijk: de digitale kinderen van tegenwoordig verschillen helemaal niet zoveel van hoe wij vroeger waren, ze hebben alleen veel meer (digitale) mogelijkheden om zich te uiten.
Paul Sikkema, directeur van marktonderzoeksbureau Qrius en communicatiebureau Combat, verwelkomde ons in de zaal en nodigde de veertienjarige Rutger de Quay, bekend om zijn blog Koekjesfabriek en Dutch Bloggie-winnaar, uit voor een interview. Op zijn blog schrijft Rutger over alledaagse dingen: “Ik zag vanochtend een man slapen in de treincoupé. Daar kan ik dan een stuk van vijfhonderd woorden over schrijven. En dat vindt iemand dan fantastisch!”
De nuchtere Rutger had al snel de lachers op zijn hand, maar er kwamen ook een aantal serieuze marketingzaken ter sprake. Tijdens het gesprek liet hij weten dat bedrijven die Twitter gebruiken om alleen maar te zenden, niet goed bezig zijn. Er is interactie nodig. Hij vindt het ook niet erg om via Twitter of andere sociale media contact te hebben met bedrijven, zolang hij er maar iets aan heeft. Rutger merkte ook op dat Hyves nu echt voor kinderen is. Hij vindt Hyves te rommelig, hij had teveel onbekende vrienden en kreeg teveel privéberichten om lid te worden van allerlei nutteloze groepen. Jongeren stappen volgens hem op de middelbare school al snel over op het zakelijkere Facebook.
Kidstrends 2010
Na het interview met Rutger, gaf Sikkema een presentatie over de Kidstrends van 2010. De top 7 vrijtijdsbestedingen van kinderen in de leeftijd van 6 tot 11 jaar zijn: buitenspelen, binnenspelen, computeren, gamen, tv kijken, voetballen, en lezen. De tv vult voor kinderen de momenten als ze even niks te doen hebben.
De online media geven kinderen de mogelijkheid om zich te manifesteren. De mediabesteding van kinderen en jongeren verschilt echter: terwijl kinderen per dag gemiddeld 45 minuten gamen, stijgt het internetgebruik ten koste van de gametijd naarmate ze ouder worden.
Ook de favoriete sites van kinderen verschillen per leeftijd.
De topsites voor 6-9 jarigen: Spele, Spelletjes, en sites van tv-zenders.
De topsites voor 10-11 jarigen: Hyves, Spele, en Spelletjes.
Sikkema bood in zijn presentatie ook een terugblik op de afgelopen tien jaar:
*Ouders zijn intensiever bezig met hun kinderen
*Kinderen leren op jongere leeftijd
*Ouders hebben de wens om strakker op te voeden
*Toegenomen focus op gezondheid
*Met steeds meer kinderen is er ‘iets’ aan de hand (Sikkema is hier sceptisch over)
*Opkomst internet (en social media) op de kindermarkt
*Opkomst mobiele telefoons en games
*Een intensivering van acties (denk aan de supermarkten)
Sikkema voorzag ook een aantal trends:
*Een verdere digitalisering, waarbij het onderwijs en de relatie tussen school en thuis een belangrijke rol speelt
*Nog meer aandacht voor ouders in hun rol als opvoeder
*Back to basics, met meer aandacht voor natuur en milieu
*Maatschappelijk verantwoord ondernemen: in balans opgroeien en veilig internetten.
Generatie XD
Na de koffiepauze, kreeg Marieke van Heeswijk, General Manager van Disney Channels Benelux, het woord. De Generatie XD staat voor de 8 tot 14-jarigen die vergelijkbaar zijn met Generatie X. Deze kinderen zijn in welvaart opgegroeid in een wereld van internet en mobiele telefoons. Ze zijn snel wijs door hun eenvoudige toegang tot informatie, social networks zijn een centraal onderdeel van hun leven, en ze gaan sneller en vaker met nieuwe media om.
Volwassenen maken zich geregeld zorgen om deze kinderen en hun snelle leven, maar volgens Heeswijk is dit niet nodig. Kinderen vinden dezelfde dingen belangrijk als toen wij zelf opgroeiden:
1. Identiteit. Kinderen zijn nog bezig om een identiteit te vormen. Dit doen ze met muziek, media, idolen, interesses, en hun uiterlijk.
2. Vriendschappen staan centraal, maar vinden niet alleen meer op het schoolplein of op straat plaats. Ook online ontmoeten kinderen elkaar en versterken hun vriendschappen op deze manier.
3. Dromen (en dromen verwezenlijken). Kinderen hebben nog genoeg dromen voor de toekomst. Idolen inspireren hen, maar ze kopiëren hen niet. Hun favoriete beroepen zijn traditioneel, zoals die van docent of politieman/vrouw.
Van Heeswijk liet ook weten dat kinderen nog altijd het meeste tegen hun ouders opkijken. Kinderen zijn dus kinderen gebleven, maar ze kunnen zich tegenwoordig anders uiten. Gebaseerd op deze kennis, heeft Disney drie mediakernwaarden, die ze aan hun tv-kanalen gekoppeld hebben:
1. Express yourself
2. Celebrate family and friends
3. Follow your dreams
Van Heeswijk gaf ook een aantal tips en trucs aan de luisteraars mee:
1. Bepaal het type kind dat je wilt bereiken
2. Kijk continue door de bril van het kind
3. Koppel dit aan je merkbeloftes
4. Kies media waar het digikind zich bevindt.
Opvallend: de Generatie XD maakt geen onderscheid tussen de computer, laptop, iPad of iPhone: voor kinderen zijn deze technologieën hetzelfde, maar in verschillende formaten. Deze kids consumeren dan ook wat ze willen, wanneer ze willen, en waar ze willen.
Betoverd door Toverland
De luisteraars hingen tijdens Caroline Maessens presentatie aan haar lippen. De directeur van Toverland is juf geweest en dat was te merken in haar prachtige, rustige manier van vertellen over het oprichten van het jonge pretpark.
Het draait bij Toverland om het creëren van belevenissen en ervaringen. Ze zijn het grootste indoor attractiepark, en daardoor onafhankelijk van het weer en het hele jaar geopend. Toen haar broer met het plan kwam om het park te gaan bouwen, ging Maessens nadenken over de invulling van dit park. Naast het bezoek aan andere attractieparken, zocht ze ook honderden kinderen op om hun mening te vragen. Ze legde bijvoorbeeld een tafel vol met foto’s van draaimolens en vroeg hen om de beste eruit te kiezen. Tijdens haar onderzoek, had ze drie punten waar ze zich op richtte:
*Ken je doelgroep.
*Ken je concurrenten: Maessens bezocht verschillende parken om voor Toverland een onderscheidend vermogen te vinden, maar ze nam ook kinderen mee en observeerde hun gedrag.
*Geef ook ouders inspraak, dit zijn immers de mensen die de kinderen naar de parken brengen. Zij moeten dus ook naar Toverland willen komen.
Maessens erkende dat als je kinderen (of volwassenen) vragen stelt, je niet vanzelf ‘het idee’ krijgt. Mensen grijpen immers terug op bestaande ideeën. Zo willen kinderen in Toverland op dit moment graag een achtbaan die over de kop gaat. Ze hebben echter eerst gekozen voor Troy, de houten achtbaan, omdat die op dat moment beter in hun visie paste. Met de houten achtbaan, die verschillende prijzen heeft gewonnen, heeft Toverland zich gevestigd als een serieus pretpark.
Over kinderen interviewen zei Maessens het volgende:
*kies het juiste tijdstip (niet als kinderen net het pretpark binnen komen, want dan hebben ze er geen geduld voor)
*vraag de ouders om toestemming en betrek hen ook bij de vragen
*bereid de vragen goed voor
*houd het kort
*geef een leuke attentie als dank.
De naam van ‘Toverland’ kwam tijdens de presentatie ook enkele malen ter sprake. De naam paste aanvankelijk goed bij het park, maar nu is het park eigenlijk de naam ontgroeid. Het klinkt ook niet zo stoer. Toch veranderen ze niet van naam: de naam is synoniem geworden voor hun kwaliteit en heeft een goede bekendheid. Met een nieuwe naam zouden ze dat opnieuw moeten opbouwen.
Maessens sloot de presentatie af met een quote van Chuck Gallagher: “Om communicatie met onze kinderen te hebben, moeten we naar hen luisteren.” Het luisteren hebben ze bij Toverland goed onder de knie.
Taptoe: oud, maar springlevend
Rutger Verhoeven van Blink Uitgevers gaf tijdens zijn presentatie een kijkje in de keuken van het ruim 90 jaar (!) oude tijdschrift Taptoe. Het tijdschrift kampte met een teruglopend aantal abonnees en wilde de overstap maken naar een crossmediaal concept.
Een aantal dingen wisten ze al:
*Leren is leuk
*Er is nog geen leading character
*Geen ‘alibi’ om informatie aan te bieden
*Geen directe reward (instant feedback)
*De doelgroep speelt binnen en buiten, kijkt tv, houdt van (online) games, en leest nauwelijks print
Onderzoek naar het tijdschrift leverde enkel meningen op, maar geen nieuwe inzichten. Dus ze gingen letterlijk in klassen zitten en bij gezinnen op bezoek om daar de dag door te brengen. Zo hoopten ze kinderen en hun drijfveren beter te leren kennen. Verhoeven was op zoek naar key insights, diepe waarheden die een doelgroep drijft.
Een aantal insights die naar voren kwamen, waren:
*Kinderen willen niet ‘buiten de boot vallen’; ze zoeken een plek in de groep
*Kinderen hebben nog geen identiteit
*Meisjes versus jongens
*Er is behoefte aan ‘schoolpleinmateriaal’ dat aan vriendjes getoond kan worden
Naar aanleiding van deze inzichten werd een concepttest gemaakt die aan de kinderen, ouders, en leerkrachten werd voorgelegd. Daarna werd het concept verder aangescherpt en het proces herhaald.
In de nieuwe Taptoe, met de uitdagende slogan “Durf jij het aan?”, beleven zes karakters, met elk hun eigen game-achtige skills (van verdedigen tot aan computers hacken), avonturen. De karakters zijn echter ook online te vinden: ze hebben ze hun eigen Hyve (zoals de Tex-Hyve). Op de website taptoe.nl gaat het avontuur verder en kunnen kinderen bovendien zelf allerlei mysteries oplossen.
Het nieuwe crossmediale concept is inmiddels een succes te noemen. Taptoe heeft haar abonnees met vijftien procent zien toenemen.
Perfecte Beat Award
Na de lunch en een presentatie van beachvolleybalspeler Bram Ronnes over Right to Play, werd De Perfecte Beat! Award uitgereikt voor de beste kidsmarketingcampagne van 2010. De jury had drie campagnes genomineerd, namelijk:
* De Gogo’s zijn hier! (C1000; Y&R Not Just Film)
* Dierendiploma (Meer Dieren Meer Mens, ComBat)
* OLA IJstijd (OLA/Unilever; MTV Networks Advertising)
De drie kanshebbers konden nog even voor de zaal hun campagnes pitchen. Via een sms’je konden de bezoekers vervolgens online hun stem uitbrengen (helaas was er voor de mensen zonder smartphone geen mogelijkheid om te stemmen). De Gogo’s wonnen uiteindelijk overtuigend met 73% van de stemmen.
Workshops: Wecycle en Digitale Kidsmarketing
Er werden twee workshoprondes georganiseerd, waarbij de deelnemers zich in groepen opsplitsten. De eerste workshop die ik bijwoonde ging over Wecycle en de school als communicatiekanaal. Wecycle heeft tot doel om met een positieve insteek zoveel mogelijk kleine elektrische apparaten in te zamelen. Omdat leerkrachten het al zo druk hebben, is het moeilijk om een ingang te vinden in scholen.
Het is Wecycle toch gelukt om vele scholen enthousiast te maken voor recycling. Dit lukte hen door middel van print- en tv-campagnes voor de benodigde buzz, direct mails naar de docenten, het aanbieden van les- en actiemateriaal om te informeren, en inzamelactiviteiten om te activeren. Door op school apparaten in te zamelen, verdient de school punten, waarmee weer dingen, van software tot aan kinderboeken, aangeschaft kunnen worden.
Volgens de sprekers verlangen de leraren het volgende van toegestuurd lesmateriaal:
*Actuele onderwerpen
*Verschillende werkvormen
*Het moet leuk zijn voor leerlingen, aansluiten op hun belevingswereld en niveau
*Het moet educatief zijn en gemak bieden
*Aansluitend op leerdoelen
*Modulair opgebouwd
*En het liefst gratis!
De workshop Digitale Kidsmarketing werd verzorgd door Remco Pijpers en Nathalie Korsman van Stichting MijnKindOnline. Het onderwerp van de workshop was hun missie om het digitale aanbied voor kinderen te verbeteren.
Onlangs is het boek Contact! Kinderen en nieuwe media verschenen (zie dit artikel op MijnKindOnline.nl). Daarin komt naar voren dat kinderen steeds jonger online gaan, het digitale aanbod voor kinderen toeneemt, en er steeds meer aanbod met de component ‘sociale media’ verschijnt. Draaide de computer voor kinderen eerst om spelen, nu gaat het steeds meer om contact.
Hyves is bijvoorbeeld erg populair onder kinderen geworden, en ook Habbo Hotel trekt een steeds jonger publiek aan.
Als je aan de slag wilt met een website voor kinderen, is het belangrijk om jezelf een aantal kritische vragen te stellen:
*Waarom wil ik een site voor kinderen en wat wil ik ermee bereiken?
*Waarom denk ik dat mijn site iets toevoegt en wat verwacht ik van kinderen?
*Hoeveel tijd en middelen heb ik?
*Bepaal de visie en missie.
*Is de investering de moeite waard? Of kan ik beter kiezen voor een tijdelijke of helemaal geen website?
Volgens Korsman is een succesvolle kindercampagne:
*sociaal en verbindend
*interactief
*bevat een positieve boodschap (beter dan een doemscenario)
*bevat een laagdrempelige actie
De betrouwbaarheid van sites blijft een belangrijk en kritisch punt voor makers van kinderwebsites. Zo linken de populaire casual gameportals kinderen wel erg vaak naar 18+ games. En Habbo heeft onlangs een oproep gedaan aan kinderen om een video van zichzelf op te sturen, waarin ze uitleggen waarom ze Habbo zo leuk vinden. Deze video’s zullen getoond worden aan relaties en partners van Habbo. Dit druist echter in tegen het algemene beleid van Habbo, waarin zelfs het doorgeven van je e-mailadres al strafpunten op kan leveren. Dit kan verwarrend zijn voor kinderen.
Om betrouwbaarheid te bevorderen, moet je volgens Korsman onder andere zorgen voor betrouwbare content, een duidelijke afzender, een contactmogelijkheid, rekening houden met privacy en veiligheid, transparant zijn en een goede service bieden. Laat ook weten wat je met eventueel ingestuurd materiaal gaat doen en vraag om toestemming van de ouders. Op de site van de Gouden @penstaart, de jaarlijkse prijs voor de beste kindersites, staat een duidelijke opsomming van criteria voor kindersites. En voor vragen over pricacy kun je terecht op mijnprivacy.nl.
Afsluiting: Kids-excursie
De lange dag eindigt met een gezellige groep kinderen die allerlei vragen van het publiek beantwoorden. Op onze vraag of ze geabonneerd zijn op een nieuwsbrief, antwoordden ze allemaal nee. Ze gebruiken hun e-mail vooral om te kunnen chatten en hun mobieltjes zijn nog afdankertjes van hun ouders.
Al in al was het een inspirerende dag. Mijn collega’s van Kennisnet Kids werden bevestigd in hun ideeën over de doelgroep – daar was voor ons weinig nieuws te horen, maar we leerden wel weer veel van de aanpak van Taptoe en Toverland. Mijn conclusie van de dag is dat kinderen, ondanks hun digitale leven, toch gewoon kinderen zijn gebleven.
Op woensdag 2
juni werd met een flashmob de Kidsdag van het 19e congres Kids en Jongerenmarketing in Pakhuis de Zwijger geopend. De dag was vol gepland met interessante sprekers van o.a. Disney en Taptoe. Ook waren kinderen zelf aan het woord. Het werd tijdens het congres al snel duidelijk: de digitale kinderen van tegenwoordig verschillen helemaal niet zoveel van hoe wij vroeger waren, ze hebben alleen veel meer (digitale) mogelijkheden om zich te uiten.
Paul Sikkema, directeur van marktonderzoeksbureau Qrius en communicatiebureau Combat, verwelkomde ons in de zaal en nodigde de veertienjarige Rutger de Quay, bekend om zijn blog Koekjesfabriek en Dutch Bloggie-winnaar, uit voor een interview. Op zijn blog schrijft Rutger over alledaagse dingen: “Ik zag vanochtend een man slapen in de treincoupé. Daar kan ik dan een stuk van vijfhonderd woorden over schrijven. En dat vindt iemand dan fantastisch!”
De nuchtere Rutger had al snel de lachers op zijn hand, maar er kwamen ook een aantal serieuze marketingzaken ter sprake. Tijdens het gesprek liet hij weten dat bedrijven die Twitter gebruiken om alleen maar te zenden, niet goed bezig zijn. Er is interactie nodig. Hij vindt het ook niet erg om via Twitter of andere sociale media contact te hebben met bedrijven, zolang hij er maar iets aan heeft. Rutger merkte ook op dat Hyves nu echt voor kinderen is. Hij vindt Hyves te rommelig, hij had teveel onbekende vrienden en kreeg teveel privéberichten om lid te worden van allerlei nutteloze groepen. Jongeren stappen volgens hem op de middelbare school al snel over op het zakelijkere Facebook.
Kidstrends 2010
Na het interview met Rutger, gaf Sikkema een presentatie over de Kidstrends van 2010. De top 7 vrijtijdsbestedingen van kinderen in de leeftijd van 6 tot 11 jaar zijn: buitenspelen, binnenspelen, computeren, gamen, tv kijken, voetballen, en lezen. De tv vult voor kinderen de momenten als ze even niks te doen hebben.
De online media geven kinderen de mogelijkheid om zich te manifesteren. De mediabesteding van kinderen en jongeren verschilt echter: terwijl kinderen per dag gemiddeld 45 minuten gamen, stijgt het internetgebruik ten koste van de gametijd naarmate ze ouder worden.
Ook de favoriete sites van kinderen verschillen per leeftijd.
De topsites voor 6-9 jarigen: Spele, Spelletjes, en sites van tv-zenders.
De topsites voor 10-11 jarigen: Hyves, Spele, en Spelletjes.
Sikkema bood in zijn presentatie ook een terugblik op de afgelopen tien jaar:
*Ouders zijn intensiever bezig met hun kinderen
*Kinderen leren op jongere leeftijd
*Ouders hebben de wens om strakker op te voeden
*Toegenomen focus op gezondheid
*Met steeds meer kinderen is er ‘iets’ aan de hand (Sikkema is hier sceptisch over)
*Opkomst internet (en social media) op de kindermarkt
*Opkomst mobiele telefoons en games
*Een intensivering van acties (denk aan de supermarkten)
Sikkema voorzag ook een aantal trends:
*Een verdere digitalisering, waarbij het onderwijs en de relatie tussen school en thuis een belangrijke rol speelt
*Nog meer aandacht voor ouders in hun rol als opvoeder
*Back to basics, met meer aandacht voor natuur en milieu
*Maatschappelijk verantwoord ondernemen: in balans opgroeien en veilig internetten.
Generatie XD
Na de koffiepauze, kreeg Marieke van Heeswijk, General Manager van Disney Channels Benelux, het woord. De Generatie XD staat voor de 8 tot 14-jarigen die vergelijkbaar zijn met Generatie X. Deze kinderen zijn in welvaart opgegroeid in een wereld van internet en mobiele telefoons. Ze zijn snel wijs door hun eenvoudige toegang tot informatie, social networks zijn een centraal onderdeel van hun leven, en ze gaan sneller en vaker met nieuwe media om.
Volwassenen maken zich geregeld zorgen om deze kinderen en hun snelle leven, maar volgens Heeswijk is dit niet nodig. Kinderen vinden dezelfde dingen belangrijk als toen wij zelf opgroeiden:
1. Identiteit. Kinderen zijn nog bezig om een identiteit te vormen. Dit doen ze met muziek, media, idolen, interesses, en hun uiterlijk.
2. Vriendschappen staan centraal, maar vinden niet alleen meer op het schoolplein of op straat plaats. Ook online ontmoeten kinderen elkaar en versterken hun vriendschappen op deze manier.
3. Dromen (en dromen verwezenlijken). Kinderen hebben nog genoeg dromen voor de toekomst. Idolen inspireren hen, maar ze kopiëren hen niet. Hun favoriete beroepen zijn traditioneel, zoals die van docent of politieman/vrouw.
Van Heeswijk liet ook weten dat kinderen nog altijd het meeste tegen hun ouders opkijken. Kinderen zijn dus kinderen gebleven, maar ze kunnen zich tegenwoordig anders uiten. Gebaseerd op deze kennis, heeft Disney drie mediakernwaarden, die ze aan hun tv-kanalen gekoppeld hebben:
1. Express yourself
2. Celebrate family and friends
3. Follow your dreams
Van Heeswijk gaf ook een aantal tips en trucs aan de luisteraars mee:
1. Bepaal het type kind dat je wilt bereiken
2. Kijk continue door de bril van het kind
3. Koppel dit aan je merkbeloftes
4. Kies media waar het digikind zich bevindt.
Opvallend: de Generatie XD maakt geen onderscheid tussen de computer, laptop, iPad of iPhone: voor kinderen zijn deze technologieën hetzelfde, maar in verschillende formaten. Deze kids consumeren dan ook wat ze willen, wanneer ze willen, en waar ze willen.
Betoverd door Toverland
De luisteraars hingen tijdens Caroline Maessens presentatie aan haar lippen. De directeur van Toverland is juf geweest en dat was te merken in haar prachtige, rustige manier van vertellen over het oprichten van het jonge pretpark.
Het draait bij Toverland om het creëren van belevenissen en ervaringen. Ze zijn het grootste indoor attractiepark, en daardoor onafhankelijk van het weer en het hele jaar geopend. Toen haar broer met het plan kwam om het park te gaan bouwen, ging Maessens nadenken over de invulling van dit park. Naast het bezoek aan andere attractieparken, zocht ze ook honderden kinderen op om hun mening te vragen. Ze legde bijvoorbeeld een tafel vol met foto’s van draaimolens en vroeg hen om de beste eruit te kiezen. Tijdens haar onderzoek, had ze drie punten waar ze zich op richtte:
*Ken je doelgroep.
*Ken je concurrenten: Maessens bezocht verschillende parken om voor Toverland een onderscheidend vermogen te vinden, maar ze nam ook kinderen mee en observeerde hun gedrag.
*Geef ook ouders inspraak, dit zijn immers de mensen die de kinderen naar de parken brengen. Zij moeten dus ook naar Toverland willen komen.
Maessens erkende dat als je kinderen (of volwassenen) vragen stelt, je niet vanzelf ‘het idee’ krijgt. Mensen grijpen immers terug op bestaande ideeën. Zo willen kinderen in Toverland op dit moment graag een achtbaan die over de kop gaat. Ze hebben echter eerst gekozen voor Troy, de houten achtbaan, omdat die op dat moment beter in hun visie paste. Met de houten achtbaan, die verschillende prijzen heeft gewonnen, heeft Toverland zich gevestigd als een serieus pretpark.
Over kinderen interviewen zei Maessens het volgende:
*kies het juiste tijdstip (niet als kinderen net het pretpark binnen komen, want dan hebben ze er geen geduld voor)
*vraag de ouders om toestemming en betrek hen ook bij de vragen
*bereid de vragen goed voor
*houd het kort
*geef een leuke attentie als dank.
De naam van ‘Toverland’ kwam tijdens de presentatie ook enkele malen ter sprake. De naam paste aanvankelijk goed bij het park, maar nu is het park eigenlijk de naam ontgroeid. Het klinkt ook niet zo stoer. Toch veranderen ze niet van naam: de naam is synoniem geworden voor hun kwaliteit en heeft een goede bekendheid. Met een nieuwe naam zouden ze dat opnieuw moeten opbouwen.
Maessens sloot de presentatie af met een quote van Chuck Gallagher: “Om communicatie met onze kinderen te hebben, moeten we naar hen luisteren.” Het luisteren hebben ze bij Toverland goed onder de knie.
Taptoe: oud, maar springlevend
Rutger Verhoeven van Blink Uitgevers gaf tijdens zijn presentatie een kijkje in de keuken van het ruim 90 jaar (!) oude tijdschrift Taptoe. Het tijdschrift kampte met een teruglopend aantal abonnees en wilde de overstap maken naar een crossmediaal concept.
Een aantal dingen wisten ze al:
*Leren is leuk
*Er is nog geen leading character
*Geen ‘alibi’ om informatie aan te bieden
*Geen directe reward (instant feedback)
*De doelgroep speelt binnen en buiten, kijkt tv, houdt van (online) games, en leest nauwelijks print
Onderzoek naar het tijdschrift leverde enkel meningen op, maar geen nieuwe inzichten. Dus ze gingen letterlijk in klassen zitten en bij gezinnen op bezoek om daar de dag door te brengen. Zo hoopten ze kinderen en hun drijfveren beter te leren kennen. Verhoeven was op zoek naar key insights, diepe waarheden die een doelgroep drijft.
Een aantal insights die naar voren kwamen, waren:
*Kinderen willen niet ‘buiten de boot vallen’; ze zoeken een plek in de groep
*Kinderen hebben nog geen identiteit
*Meisjes versus jongens
*Er is behoefte aan ‘schoolpleinmateriaal’ dat aan vriendjes getoond kan worden
Naar aanleiding van deze inzichten werd een concepttest gemaakt die aan de kinderen, ouders, en leerkrachten werd voorgelegd. Daarna werd het concept verder aangescherpt en het proces herhaald.
In de nieuwe Taptoe, met de uitdagende slogan “Durf jij het aan?”, beleven zes karakters, met elk hun eigen game-achtige skills (van verdedigen tot aan computers hacken), avonturen. De karakters zijn echter ook online te vinden: ze hebben ze hun eigen Hyve (zoals de Tex-Hyve). Op de website taptoe.nl gaat het avontuur verder en kunnen kinderen bovendien zelf allerlei mysteries oplossen.
Het nieuwe crossmediale concept is inmiddels een succes te noemen. Taptoe heeft haar abonnees met vijftien procent zien toenemen.
Perfecte Beat Award
Na de lunch en een presentatie van beachvolleybalspeler Bram Ronnes over Right to Play, werd De Perfecte Beat! Award uitgereikt voor de beste kidsmarketingcampagne van 2010. De jury had drie campagnes genomineerd, namelijk:
* De Gogo’s zijn hier! (C1000; Y&R Not Just Film)
* Dierendiploma (Meer Dieren Meer Mens, ComBat)
* OLA IJstijd (OLA/Unilever; MTV Networks Advertising)
De drie kanshebbers konden nog even voor de zaal hun campagnes pitchen. Via een sms’je konden de bezoekers vervolgens online hun stem uitbrengen (helaas was er voor de mensen zonder smartphone geen mogelijkheid om te stemmen). De Gogo’s wonnen uiteindelijk overtuigend met 73% van de stemmen.
Workshops: Wecycle en Digitale Kidsmarketing
Er werden twee workshoprondes georganiseerd, waarbij de deelnemers zich in groepen opsplitsten. De eerste workshop die ik bijwoonde ging over Wecycle en de school als communicatiekanaal. Wecycle heeft tot doel om met een positieve insteek zoveel mogelijk kleine elektrische apparaten in te zamelen. Omdat leerkrachten het al zo druk hebben, is het moeilijk om een ingang te vinden in scholen.
Het is Wecycle toch gelukt om vele scholen enthousiast te maken voor recycling. Dit lukte hen door middel van print- en tv-campagnes voor de benodigde buzz, direct mails naar de docenten, het aanbieden van les- en actiemateriaal om te informeren, en inzamelactiviteiten om te activeren. Door op school apparaten in te zamelen, verdient de school punten, waarmee weer dingen, van software tot aan kinderboeken, aangeschaft kunnen worden.
Volgens de sprekers verlangen de leraren het volgende van toegestuurd lesmateriaal:
*Actuele onderwerpen
*Verschillende werkvormen
*Het moet leuk zijn voor leerlingen, aansluiten op hun belevingswereld en niveau
*Het moet educatief zijn en gemak bieden
*Aansluitend op leerdoelen
*Modulair opgebouwd
*En het liefst gratis!
De workshop Digitale Kidsmarketing werd verzorgd door Remco Pijpers en Nathalie Korsman van Stichting MijnKindOnline. Het onderwerp van de workshop was hun missie om het digitale aanbied voor kinderen te verbeteren.
Onlangs is het boek Contact! Kinderen en nieuwe media verschenen (zie dit artikel op MijnKindOnline.nl). Daarin komt naar voren dat kinderen steeds jonger online gaan, het digitale aanbod voor kinderen toeneemt, en er steeds meer aanbod met de component ‘sociale media’ verschijnt. Draaide de computer voor kinderen eerst om spelen, nu gaat het steeds meer om contact.
Hyves is bijvoorbeeld erg populair onder kinderen geworden, en ook Habbo Hotel trekt een steeds jonger publiek aan.
Als je aan de slag wilt met een website voor kinderen, is het belangrijk om jezelf een aantal kritische vragen te stellen:
*Waarom wil ik een site voor kinderen en wat wil ik ermee bereiken?
*Waarom denk ik dat mijn site iets toevoegt en wat verwacht ik van kinderen?
*Hoeveel tijd en middelen heb ik?
*Bepaal de visie en missie.
*Is de investering de moeite waard? Of kan ik beter kiezen voor een tijdelijke of helemaal geen website?
Volgens Korsman is een succesvolle kindercampagne:
*sociaal en verbindend
*interactief
*bevat een positieve boodschap (beter dan een doemscenario)
*bevat een laagdrempelige actie
De betrouwbaarheid van sites blijft een belangrijk en kritisch punt voor makers van kinderwebsites. Zo linken de populaire casual gameportals kinderen wel erg vaak naar 18+ games. En Habbo heeft onlangs een oproep gedaan aan kinderen om een video van zichzelf op te sturen, waarin ze uitleggen waarom ze Habbo zo leuk vinden. Deze video’s zullen getoond worden aan relaties en partners van Habbo. Dit druist echter in tegen het algemene beleid van Habbo, waarin zelfs het doorgeven van je e-mailadres al strafpunten op kan leveren. Dit kan verwarrend zijn voor kinderen.
Om betrouwbaarheid te bevorderen, moet je volgens Korsman onder andere zorgen voor betrouwbare content, een duidelijke afzender, een contactmogelijkheid, rekening houden met privacy en veiligheid, transparant zijn en een goede service bieden. Laat ook weten wat je met eventueel ingestuurd materiaal gaat doen en vraag om toestemming van de ouders. Op de site van de Gouden @penstaart, de jaarlijkse prijs voor de beste kindersites, staat een duidelijke opsomming van criteria voor kindersites. En voor vragen over pricacy kun je terecht op mijnprivacy.nl.
Afsluiting: Kids-excursie
De lange dag eindigt met een gezellige groep kinderen die allerlei vragen van het publiek beantwoorden. Op onze vraag of ze geabonneerd zijn op een nieuwsbrief, antwoordden ze allemaal nee. Ze gebruiken hun e-mail vooral om te kunnen chatten en hun mobieltjes zijn nog afdankertjes van hun ouders.
Al in al was het een inspirerende dag. Mijn collega’s van Kennisnet Kids werden bevestigd in hun ideeën over de doelgroep – daar was voor ons weinig nieuws te horen, maar we leerden wel weer veel van de aanpak van Taptoe en Toverland. Mijn conclusie van de dag is dat kinderen, ondanks hun digitale leven, toch gewoon kinderen zijn gebleven.
maandag 1 maart 2010
Schrijven bij Frankwatching
Vandaag heb ik voor het eerst een artikel op het bekende online magazine Frankwatching gepubliceerd. De inhoud zal je misschien bekend voorkomen (het gaat over het NIMA co-creatie seminar), maar ik heb het herschreven tot het mooi in één artikel pastte.Hier kun je het lezen: Co-creatie: marketing in ultimo forma op Frankwatching.
Ik ben erg trots op het resultaat. Wie weet volgen er nog meer artikelen. :)
Abonneren op:
Posts (Atom)








